Marketing-Target_doelgroep_Niche (Small)

Vind jouw doelgroep in 3 simpele stappen!

3 stappen voor een heldere doelgroep definitie

Wie is precies jouw doelgroep? Voor wie doe je wat je doet?

Heb je een duidelijk klantprofiel of doe je maar wat, en merk je dat je telkens verschillende mensen aantrekt? Ben je misschien veel tijd kwijt met nieuwe klanten vinden die ook bereid zijn om je product te kopen?

Lees meer

Rij en rust tijden uitgebreide aandacht

Onlangs kreeg een bedrijf een boete omdat een chauffeur geen goede dagelijkse rust had genoten. Weliswaar had de chauffeur 11 uur rust gehad, maar van die rust viel maar 9 uur in de periode van 24 uur vanaf aanvang van de werkzaamheden. Daardoor was sprake van een verkorte rust, terwijl hij die al drie had genoten.‘Maar’, zo zei de betreffende chauffeur, ‘ik hoor altijd dat je na 15 uur moet rusten en dat heb ik gedaan.’

Die 15 uur ligt echter nergens vast. In de regels over de rij- en rusttijden staat dat de dagelijkse rust moet vallen in een periode van 24 uur na de vorige dagelijkse of wekelijkse rust. Dat betekent dat je bij een rust van 9 uur na uiterlijk 15 uur moet stoppen, maar bij een rust van 11 uur moet dat dus na uiterlijk 13 uur.

Uitgebreid aandacht

Overigens komt deze overtreding veel voor. Vandaar dat daar tijdens de door TLN georganiseerde workshops ‘Rij- en rusttijden en digitale tachograaf’ uitgebreid aandacht aan wordt besteed.
Voor de maanden maart en april zijn er nog drie workshops met een open inschrijving gepland, namelijk:

Zoetermeer op Maandag 20 maart
Moerdijk op Maandag 27 maart
Hoogeveen op Maandag 10 april

Klik hier voor meer informatie of neem contact op met TLN, Piet Massuger, T 088 4567152, E pmassuger@tln.nl. Aanmelden kan via de agenda van TLN op www.tln.nl/agenda.

Duurzaam People Planet Profit

Hoe gaat CCUS de Europese staalindustrie versterken?

Op 19-20 april 2017 co-hosten CATO en ECN een tweedaagse (internationale) conferentie met als onderwerp “Het verminderen van de CO2 footprint in de staal industrie”.

De ijzer-en staalsector is één van de grootste industriële uitstoters van CO2, en zal waarschijnlijk nog langdurig afhankelijk blijven van fossiele energiedragers. Hierom zijn maatregelen ter beperking van de emissies zowel urgent als ook van belang voor de langer termijn.

Het programma omvat verschillende wetenschappelijke presentaties van wereldwijde partijen uit de staalindustrie en de CCUS branche. Ook worden de laatste resultaten van Europees gefinancierde Horizon 2020 projecten STEPWISE en FReSMe gepresenteerd.

Daarnaast is er een interactieve sessie die zich richt op het beleid om inspanningen voor een klimaat neutrale industrie te ondersteunen, met behoud van het concurrentievermogen en de innovatie in de Europese staalsector.

Verder is er een interessant en sociaal (netwerk)programma, waar de deelnemers een uniek stukje Nederland, de Zaanse Schans in Zaandam bezoeken en een diner aangeboden krijgen.

De conferentie wordt gedeeltelijk in Zaandam (15 minuten van Amsterdam Schiphol Airport) georganiseerd en de tweede dag op de locatie van ECN Petten (vervoer zal worden geregeld).

Binnenkort wordt het volledige programma met sprekers bekendgemaakt.

Tot dan: SAVE THE DATE!

Column vaklieden

Waar blijven de vaklieden?

Waar blijven de vaklieden? Al jaren klaagt het bedrijfsleven over de beperkte vaardigheden van instromend personeel. De toenmalige voorzitter van een grote brancheorganisatie vatte het twee decennia geleden ooit kernachtig samen: “ze kunnen wel een overhemd strijken, maar nog geen spijker in de muur slaan”.

Nu zal dat laatste waarschijnlijk ook toen nogal zwaar zijn aangezet, maar de kern van de boodschap blijft daardoor wel hangen: er is te weinig aansluiting tussen hetgeen wat in het beroepsonderwijs wordt aangeleerd en hetgeen het bedrijfsleven nodig heeft. Een recent verschenen rapport over het beroepsonderwijs heeft niet voor niets de schrijnende titel; Over ‘hamers’ en ‘vasthouden’. Is er dan helemaal niets veranderd?

Lees meer

human capital mensen

Human Capital; de mensen die het moeten doen!

[column] De verkiezingen zijn aanstaande en dat is goed te merken. 15 maart gaat Nederland naar de stembus om een nieuwe Tweede kamer te kiezen. Miljarden worden door politieke partijen, die schreeuwen om aandacht, uitgedeeld aan de zorg, defensie, het onderwijs of vergroening. Brancheorganisaties draaien overuren om met ‘investeringskalenders’ te komen die aan de aankomende Kamerleden worden aangeboden. En ook de bouw doet een duit in het zakje door met de Bouwagenda te komen. En dat is terecht.

Lees meer

Bunker veiligheid bouw

Veilig gebouw uiterlijk van een bunker?

Ontwerpers vrezen dat als ze een gebouw extra veilig moeten maken, het een bunker wordt. Maar veel veiligheidsmaatregelen zijn prima in te passen in het ontwerp, mits dat op tijd gebeurt. Dus niet achteraf maar helemaal vooraan in het bouwproces.

Een voorbeeld van een mooi gebouw dat ook veilig is doordat iedereen zijn expertise tijdig kon inbrengen, noemt stedenbouwkundig-onderzoeker Jan-Willem Wesselink het BP Raffinaderijkantoor in de Europoort. Dat is door zijn ontwerp ‘blastproof’ maar won ook de Rotterdam Architectuurprijs.

Grote stappen

Wesselink is hoofdlaborant van het Kennislab voor Urbanisme, dat zich toelegt op het verbeteren van de sociale, economische en fysieke structuur van de stad. Met het netwerk Ontwerp Veilige Omgeving mikt hij op het versterken van de samenwerking tussen ruimtelijke ontwikkelaars en veiligheidsexperts. “Sinds de vuurwerkramp in Enschede in mei 2000 zijn er op dat vlak grote stappen gezet, maar het kan nog veel beter.” Het BP Raffinaderijkantoor vindt hij een mooi voorbeeld van hoe je samen tot betere oplossingen komt. Omdat dit opvallende gebouw zo is ontworpen dat het bij een explosie van de nabijgelegen raffinaderij bestand is tegen de drukgolf, maar niettemin ook een langgerekt gebogen atrium heeft met een glazen dak.

Grip op de zaak

Zelf houdt hij zich met het netwerk Ontwerp Veilige Omgeving vooral bezig met het beperken van groeps – en omgevingsrisico’s in gebieden waar gevaarlijke stoffen worden vervoerd of opgeslagen: “Wij brengen deskundigen die verstand hebben van het inrichten van een gebied samen met veiligheidsexperts. Normaal botst dat, want ontwerpers willen iets moois maken, waarbij alles moet kunnen. Terwijl veiligheidsmensen in een controlerende modus zitten en graag grip hebben op de zaak. Maar met de ontwerpateliers die we organiseren laten we zien dat het wel kan. Groepen moeten elkaar gewoon leren kennen, en dan blijkt dat ‘de ander’ best bereid is met jou mee te denken. En dan kan externe veiligheid wel tijdig worden meegenomen in het proces van tekentafel tot de eerste paal.”

Omgevingswet

Het netwerk Ontwerp Veilige Omgeving loopt met die aanpak vooruit op de nieuwe omgevingswet die naar verwachting in 2019 in werking treedt. Wesselink: “Die wet bepaalt dat bij een plan alle stakeholders van meet af aan betrokken moeten worden bij het bouwproces. Toetsen achteraf mag dan niet meer.” Belangrijk voor veiligheid in het ontwerp van een stedelijk gebied noemt hij onder meer toezien op dat er voldoende vluchtwegen zijn met ook ruimte voor hulp- en reddingsdiensten die juist naar de ramp toe willen. En bluswater, waarvoor vijvers kunnen worden aangelegd. En ook erop letten dat gebouwen met kwetsbare groepen zoals kinderen (scholen) en ouderen (verpleeghuizen) die bij een ramp minder snel kunnen wegkomen, verder van een eventuele risicobron af staan.

Beverwijk

Een actueel voorbeeld van de aanpak van het netwerk een plan voor het gebied Wijckerpoort / Ankies Hoeve in Beverwijk. Het moet de nieuwe entree worden van de gemeente, maar ligt letterlijk onder de rook van de hoogovens. Ook is het gebied mogelijk vervuild, kampt het ingeklemd tussen sporen en wegen met geluidsoverlast en is het slecht bereikbaar voor hulpdiensten. Wesselink bedacht er met professionals en studenten een gebouw met een wijkfunctie, dat zoals dat van BP in Europoort bestand is tegen een explosiedrukgolf en ook een iconische uitstraling heeft. En waarbij een ‘groen dak’ als een natuurlijke tunnel over het spoor voor een extra vluchtweg zorgt.

Maatwerk

Verdichting van steden met ook meer hoogbouw, vraagt volgens Wesselink nog meer maatwerk voor veiligheid. Bijvoorbeeld om bij brand in een hoog gebouw veel mensen snel uit dat gebouw en het gebied te halen. Bij metro- en treinstation Bijlmer Arena in Amsterdam Zuidoost is dit hoogbouw-vraagstuk al goed aangepakt, vindt hij. Dat station hangt hoog boven de grond, maar al vanaf de tekentafel is het belang van veiligheid volledig meegewogen, waardoor mensen bijvoorbeeld bij brand toch op tijd weg kunnen komen. “Hoe meer we in de stad de hoogte in gaan, hoe specifieker daar de opgave voor veiligheid ook wordt.”

Zwakste schakel

Belangrijk voor de bouwsector vindt Weselink de vraag hoe je het onderhoud managet van een veilig gebouw eens dat is opgeleverd. “Hoe zorg je ervoor dat het veilig blijft? Bijvoorbeeld dat veiligheidsglas dat stuk gaat vervangen wordt door glas dat even veilig is? De eerste jaren gaat dat wel goed, maar hoe zorg je ervoor dat als dat gebouw drie keer van eigenaar is veranderd het onderhoud nog steeds veilig gebeurt? Daar maken veiligheidsmensen zich zorgen over, weet ik. Die vraag moeten wede komende tijd nog beter beantwoorden met elkaar. Anders krijg je het effect van de zwakste schakel.”

Gemiddeld een 8 voor stages en leerbanen door MBO-studenten

MBO Studenten geven hun stages en leerbanen gemiddeld een 8. Dat blijkt uit de BPV Monitor die SBB vandaag publiceert. Van de praktijkopleiders van erkende leerbedrijven krijgen stages en leerbanen gemiddeld een 7,5. Stagebegeleiders van scholen geven gemiddeld een 7,4. Van alle bevraagde studenten en praktijkopleiders is 90% tevreden over het werk en het behalen van de leerdoelen.

“Een prachtig resultaat, waarop we trots kunnen zijn”, meent Michaël van Straalen, voorzitter SBB en tevens voorzitter MKB Nederland. “Je ziet dat samenwerken loont. Onderwijs en bedrijfsleven hebben de handen ineengeslagen om samen de beroepspraktijkvorming (bpv) te verbeteren. De BPV Monitor maakt de kwaliteit inzichtelijk.”

Lees meer

Dit levert bij woningbouwprojecten al gauw een versnelling van 6 maanden op.

vervolg: Kwaliteitsborging door naar Senaat

De bouw gaat per 1 januari 2018 een nieuw tijdperk tegemoet, met de wet ‘Kwaliteitsborging voor het bouwen’. Gisteravond was de laatste discussie daarover in de Tweede Kamer. Het lijkt erop dat een meerderheid komende dinsdag vóór gaat stemmen.

Positief is de kwaliteitsimpuls die uitgaat van het volledig nieuwe stelsel. In plaats van een papieren controle vooraf, wordt tijdens de bouw en bij oplevering intensiever gelet op de wettelijke eisen uit het Bouwbesluit – en specifieke zaken die de opdrachtgever aangeeft. De opdrachtgever krijgt daardoor meer bewijs van daadwerkelijk gebouwde kwaliteit en de bouwer krijgt meer mogelijkheden om zijn processen te optimaliseren.

Praktijkbezwaren

Maar zonder slag of stoot zal dat niet gaan. In de afgelopen periode bleek bij pilots al dat er nog de nodige lessen geleerd en gedeeld konden worden rond private kwaliteitsborging. Daarnaast zijn er nog enkele harde noten te kraken rond leges, kosten en aansprakelijkheid. In de afgelopen tijd waarschuwden NVM, Vereniging Eigen Huis, alle Nederlandse gemeenten, de Vereniging Bouw- en Woningtoezicht én Bouwend Nederland plus gezaghebbende juristen daar ernstig voor. Samengevat zijn hun bezwaren dat leges niet zakken, waardoor bouwen duurder wordt voor de opdrachtgever; ook verwachten ze veel meer juridisch geharrewar over het bewijzen van onschuld bij bouwfouten. Voor en achter de schermen is er veel aan gedaan om betere kwaliteitsborging te ontdoen van de gevreesde kostenverhogingen en juridisering.

Maar de bedenkingen vanuit de praktijk vonden gisteravond geen weerklank bij de coalitie van VVD en PvdA. In plaats daarvan waren minister Plasterks beloftes over lagere bouwleges voor de VVD voldoende om PvdA-minister Plasterk te steunen. Welke oppositiepartijen het wetsvoorstel steunen is niet helemaal helder, al zijn PVV en SP duidelijk tegen.

De discussie in de Tweede Kamer is nu afgerond, volgende week dinsdag is de stemming. De praktijkbezwaren kunnen in de Eerste Kamer nog meespelen, want later dit jaar buigt de senaat zich over de juridische kwaliteit van de wet Kwaliteitsborging.

Verkiezingstijd column

Verkiezingstijd

Wanneer we de diverse politieke partijen mogen geloven, gaan we gouden tijden tegemoet. We worden getrakteerd op koopkrachtplaatjes waar we op voorhand jeuk in de portemonnee van krijgen? Lees meer

Komend jaar investeert het ministerie van Infrastructuur en Milieu 6,2 miljard in infrastructuur

Wegwerkzaamheden N23 Westfrisiaweg hervat

Provincie Noord-Holland en aannemer Hijmans hebben overeenstemming bereikt over het project N23 Westfrisiaweg. Beide partijen hebben onderling afspraken gemaakt over de uitvoering van het project en verdere planning.

Heijmans zal met onmiddellijke ingang de werkzaamheden aan de N23 Westfrisiaweg hervatten. Zij verwacht de weg eind 2018 open te kunnen stellen voor het verkeer. Ook wordt de lopende arbitragezaak opgeschort.

Over de uitvoering van het project was verschil van inzicht ontstaan, dat te maken had met bodemgesteldheid. Intensieve gesprekken hebben ervoor gezorgd dat overeenstemming is bereikt over de voortzetting van het project.

Gedeputeerde Elisabeth Post (Mobiliteit): “Hervatting van het werk aan de N23 Westfrisiaweg is in het belang van de inwoners en ondernemers van West-Friesland. Die verantwoordelijkheid voelden we nadrukkelijk samen met Heijmans. We hebben intensief gesproken. Het was niet altijd eenvoudig, maar wel constructief. Daarom konden we toch een goede oplossing vinden en tot overeenstemming komen. Ik ben blij dat het werk nu zo snel mogelijk wordt hervat en dat we samen met Heijmans aan de slag gaan om de weg eind 2018 open te kunnen stellen.”

Ruud Majenburg, lid Raad van Bestuur Heijmans: “Met het bereiken van de overeenkomst komt een einde aan een ongewenste situatie voor weggebruikers, omwonenden en bedrijven. We zijn blij dat de pogingen die we ondernamen om een oplossing te vinden uiteindelijk hebben geleid tot deze overeenkomst. We zullen gezamenlijk optrekken in het verder afronden van het project.”