eco huis

Bewoners en bouwers kunnen samen voor doorbraak zorgen

Burgers en consumenten hebben verschillende opvattingen over duurzaamheid. Producenten van ecologisch verantwoorde producten hebben dit al langer onderkend. Bouwers van woningen hebben ook met deze dubbelhartigheid van doen. Bij de gebiedsontwikkeling van bouwpercelen zijn burgers gevoelig voor groene aspecten, bij de inrichting van de eigen woning laten bewoners zich vooral leiden door budgettaire overwegingen. Dit dilemma staat een doorbraak van duurzame en energiebewuste woningbouw in de weg. Een vraaggestuurde dialoog tussen bewoners en experts kan op dit gebied voor de nodige beweging zorgen.

Woonwensen als vertrekpunt

De bouwsector wordt vanouds gekenmerkt door een aanbodgerichte technisch georiënteerde aanpak. Woningbouw heeft daarnaast te maken met langlopende procedures, waarbij een groot aantal stakeholders betrokken is. Na zo’n lange planfase volgt snelle realisatie. De bouwfase leidt tot een oplevering, waarbij vaak via tussenkomst van een makelaar aan de nieuwe koper/bewoner de sleutel overhandigd wordt. Die bewoner heeft dan op dat moment nog weinig of geen inbreng gehad in de inrichting van zijn nieuwe pied á terre. Momenteel wordt in de bouwsector geëxperimenteerd met particulier opdrachtgeverschap, maar langs die weg wordt nog maar zo’n 13% van de woningen gebouwd. Het aanbodgerichte karakter van de woningbouw strekt zich ook uit naar de installatietechniek. Zowel de elektrotechnische als de watertechnische installateur worden veelal op basis van aanbesteding door een opdrachtgever of aannemer bij een bouwproject betrokken. Selectiecriteria daarbij worden meestal gedomineerd door een voorkeur voor de laagste prijs. Als een bewoner in zo’n situatie een eigen keuze wil maken voor duurzame energie, dan wordt dat meestal als lastig en zeker als kostbaar ervaren. Wil er synergie tussen duurzame energie en woningbouw komen, dan zal de veelgenoemde vraagsturing ook op dit terrein consequent moeten worden doorgevoerd.

Vraaggestuurde dialoog

Inmiddels dient zich in de bouwsector het woonwensen-denken aan. Omdat het woonwensen-denken nog in de kinderschoenen staat, vraagt dit van veel marktpartijen een ingrijpende omslag in denken en doen. Uitvoerende bouwondernemers zoeken in een eerdere fase van een bouwproces intensief contact met de toekomstige bewoners. Aan die bewoners wordt het toegestaan tot eigen keuzen te komen rond de aard van het woongebied – stedelijk, landelijk of gemengd – en daaropvolgend het woningtype (rijtjeshuis, twee onder een kap, appartement, vrijstaand of hoogbouw). Creatieve architecten komen met een ruim aanbod aan gevelvarianten. Opvallend is dat in deze benadering de installatietechniek een vergeten hoofdstuk lijkt. Het keuzemenu van de woonconsument wordt ingeperkt tot de aard van het woongebied en het type van de woning. Een achterliggende oorzaak hiervan is ongetwijfeld de bestaande desintegratie tussen bouwbedrijven en installateurs. Wil hierin een positieve verandering komen, dan is verdergaande integratie tussen bouwers en installateurs nodig. Nog beter is het als alle betrokken uitvoerende partijen al in de ontwerpfase met elkaar een gezamenlijke visie ontwikkelen. Een daaraan voorafgaande dialoog tussen de toekomstige bewoners en de bouwprofessionals geeft kleur en richting aan niet alleen de ligging en het woningtype, maar ook aan het installatietechnische pakket van de woning.

Kennisleemte overbruggen

De geschetste dubbelhartigheid tussen burgers en bewoners kan geen excuus zijn om toekomstige bewoners niet actief bij het energieconcept van de woning te betrekken. De stereotype reactie van bouwers is vaak: ‘Zo gaat dat nu eenmaal in de bouw, mevrouwtje!’ Ook wordt door behoudende installatiebedrijven nog te vaak afwijzend gereageerd op vooruitstrevende installatiewensen van toekomstige bewoners. ‘Daar zou ik toch niet zo aan beginnen, dat heeft nog nooit gewerkt,’ zo kan een energiebewuste consument uit de mond van een traditionele vakman te horen krijgen. Bouwers en installateurs moeten de bestaande kenniskloof met hun opdrachtgevers nooit gebruiken als excuus om van duurzame oplossingen af te zien. Juist architecten, bouwers en installatieondernemers verkeren in een uitstekende positie om duurzame oplossingen bespreekbaar te maken. De kenniskloof tussen bewoner en bouwprofessional vraagt een stevige overbrugging, waarbij vooral de bouwers en installateurs zich verantwoordelijk mogen weten voor de kwaliteit van de oplossing.

Grote marktpartijen zijn eerder in staat om doordachte energieconcepten te integreren in de woningbouw dan middelgrote en kleine bedrijven. Het MKB in bouw en installatietechniek vraagt eigen maatwerk-oplossingen, die passen bij de aard en schaalgrootte van de bedrijven. Dat heeft het Centrum voor Innovatie van de Bouwkolom (CIB) aangezet tot de ontwikkeling van een Energieconcept Vitaal Bouwen® , waarmee een vraaggestuurde aanpak voor duurzame woningbouw beschikbaar gekomen is. In het Energieconcept Vitaal Bouwen© kunnen bouwprofessionals (architecten, bouwers en installateurs) samen met toekomstige bewoners komen tot een verantwoorde keuze uit een zestal doorontwikkelde installatietechnische concepten. Op die manier wordt de keuzevrijheid van bewoners niet beperkt tot de ligging en het woningtype, maar consequent doorgevoerd naar alle facetten van de installatietechniek. Met de koppeling tussen vraagsturing en duurzaamheid is een stevig fundament weggelegd voor de noodzakelijke verduurzaming van de gebouwde omgeving. Vernieuwing van het bouwproces en verduurzaming van de woningbouw gaan daarbij hand in hand.

bron: Piet M. Oskam, directeur Centrum voor Innovatie van de Bouwkolom (CIB)