Warmtenetten: een duurzaam alternatief voor aardgas

Duurzaam alternatief voor aardgas, warmtenetten

TNO en ECN Duurzaam hebben in opdracht van het programma Warmte en Koude in de Metropoolregio Amsterdam uitgezocht hoe duurzaam de warmtebronnen in de warmtenetten van de regio Amsterdam zijn.

Naar aanleiding van dit onderzoek is een CO2-ladder voor de warmtebronnen ontwikkeld om afnemers van warmte inzicht te geven in het nut van warmtenetten. In alle gevallen is de CV-ketel thuis het minst duurzaam, zelfs de restwarmte uit een kolencentrale is in dat opzicht een betere keuze.

Een warmtenet is een uitgebreid netwerk van leidingen met warm water afkomstig van verschillende warmtebronnen. Dat kan bijvoorbeeld restwarmte zijn van een fabriek of warmte van een (afval)energiecentrale. Het verwarmde water komt de woning meestal binnen met een temperatuur van 70°C en gaat terug naar de warmtebron met een temperatuur van ongeveer 40°C. Nadeel is dat deze warmte niet altijd gezien wordt als duurzaam. Om die reden is er eenCO2-ladder ontwikkeld.

In de CO2-ladder staat biomassa uit de regio bovenaan met 13 kilogram CO2-uitstoot per gigajoule, direct gevolgd door geothermie met 20 kg per gigajoule. Ter vergelijking is ook de individuele CV-ketel bij mensen thuis opgenomen. Met 61 kilogram CO2-uitstoot is de CV-ketel het meest vervuilend. Zelfs de warmte uit een kolencentrale heeft een lagere CO2-uitstoot. Voor de volledigheid is kolenwarmte vermeld in het overzicht, al is hier geen sprake van in de Metropoolregio Amsterdam.

Lees meer

Komend jaar investeert het ministerie van Infrastructuur en Milieu 6,2 miljard in infrastructuur

TLN wil per 2030 halvering CO2-uitstoot voor transportsector

De CO2-uitstoot halveren in Nederland. Zero emissie in de binnensteden in 2025 en low emissie in het buitengebied. Dat wil TLN met haar leden en collega-brancheorganisaties realiseren in het Nederlandse beroepsgoederenvervoer.

​Het klimaatakkoord van Parijs en het Energieakkoord in Nederland bevatten ambitieuze doelstellingen voor de uitstoot van CO2. Door als transportsector nu door te pakken met het realiseren van de doelstellingen uit beide akkoorden ontstaat er meer ruimte om in verduurzaming zelf het voortouw te nemen en koploper te zijn.

Transitie nodig

Zo vergroten we de kans dat de verduurzaming dusdanig ingericht kan worden dat het de sector ook goed past. TLN roept haar leden op om de al vele goede voorbeelden op het gebied van duurzaamheid binnen transportbedrijven te laten zien. Zo kunnen we aantonen dat de transitie die nodig is om de doelstellingen te bereiken al in gang is gezet.

Alle partijen

Echter, de transitie kan alleen écht slagen als alle betrokken partijen de schouders eronder zetten. Van rijksoverheid tot gemeenten en collega-brancheorganisaties en van transportondernemers tot voertuigbouwers en brandstofleveranciers. Elektrisch aangedreven vrachtauto’s vormen voor stadsdistributeurs een belangrijke factor in de reductie van CO2-uitstoot in de stad. We verwachten dat het haalbaar is om in 2025 de bevoorrading van de grotere binnensteden met zero emissie voertuigen te verrichten. Daarnaast is het belangrijk om een uitfaseringsregeling te treffen tot 2030 voor het gebruik van biodiesel en biogas.

Voldoende materieel

Ten eerste moet er zo snel mogelijk voldoende materieel beschikbaar zijn. Om ervoor te zorgen dat ondernemers niet in de problemen komen tijdens de kostbare overgangsfase naar ander materieel, acht TLN een subsidieregeling nodig. Er zijn al veel goede voorbeelden van duurzame oplossingen en ideeën van TLN-leden. Uiteindelijk moeten er voldoende elektrisch aangedreven vrachtauto’s van de productieband rollen.

Bovendien is het voor transportondernemers belangrijk om te weten op welke wijze de zero emissie gebieden er uit zien en waar ze aan toe zijn. Het is belangrijk dat (om te beginnen de grotere) gemeenten op eenduidige wijze, begin 2018, de zero emissie gebieden afbakenen en markeren. Er vindt binnen de Green Deal ZES overleg met de grotere gemeenten plaats, om deze van zoveel mogelijk informatie te voorzien, zodat ze keuzes ten aanzien van zero emissie gebieden kunnen maken die ook voor de transportsector werkbaar zijn.

GreenTruckFuel

Voor het overige binnenlands vervoer streeft TLN naar de toepassing van GreenTruckFuel, waarmee low emissie doelstellingen kunnen worden gerealiseerd. Zero emissie doelstellingen worden daar haalbaar op het moment dat de benodigde techniek, om rendabel langere afstanden met een elektrisch aangedreven vrachtwagen te kunnen rijden, beschikbaar is. Transporteurs optimaliseren al van nature, binnen hun mogelijkheden, de efficiëntie van hun werkzaamheden. Voorbij hun ‘directe bereik’ liggen er in logistieke ketens kansen om de efficiëntie verder te verbeteren. Dat vergt afstemming van de bedrijfsprocessen tussen verladers, vervoerders en ontvangers om ketens efficiënter en tegelijkertijd competitiever te maken. De inzet van moderne datatechnieken en het inrichten van meer logistieke hubs kunnen dit proces versnellen.

Logistieke hubs

Wat betreft logistieke hubs begrijpt en merkt TLN in het overleg met de gemeenten dat het realiseren van een logistieke hub nog niet zo simpel is. Er komt veel bij kijken, onder andere op het gebied van voorzieningen (denk aan elektrische laadpalen en de beveiliging) en het ruimtebeslag. In het ideale geval heeft elke gemeente met een zero emissie gebied in 2025 ook een goedwerkende logistieke hub. Dat kan ook betekenen dat gemeenten een hub delen (‘shared logistics’).

loket geopend

TLN heeft het Zero-Low-High loket geopend, waarnaar (voorlopig via raarse@tln.nl) voorbeelden van duurzame initiatieven en ontwikkelingen kunnen worden gemaild. Genoemd mailadres is tevens bedoeld voor bedrijven die op zoek zijn naar samenwerkingspartners in de sector, op het gebied van duurzaamheid, of een duurzaam idee hebben en willen kijken hoe dit uitgewerkt kan worden.

Verdubbeling duurzame energieprojecten, zonnestroom voor het eerst koploper

Zonnestroom voor het eerst koploper

Aan een recordaantal van 4.530 projecten is in het voorjaar 2017 ondersteuning vanuit de Stimuleringsregeling Duurzame Energie (SDE+) toegezegd. Dit is een verdubbeling ten opzichte van de vorige ronde afgelopen najaar (2.197) en een verviervoudiging ten opzichte van de voorjaarsronde 2016 (986).

Voor het eerst zijn projecten met opgewekte elektriciteit uit zonnepanelen qua verstrekt budget (2,8 miljard euro) koploper. Het Ministerie van Economische Zaken ondersteunt duurzaam opgewekte energie uit zon, wind, water, geothermie en biomassa in Nederland via deze SDE+ ronde met maximaal 5,8 miljard euro.

Technologieën om elektriciteit uit zonlicht op te wekken, hebben een steeds lagere kostprijs. Het is goed om te zien dat mede als gevolg daarvan de bijdrage van zonnestroom aan de Nederlandse energieproductie duidelijk is toegenomen en nu zelfs het grootste aandeel heeft binnen deze ronde van de Stimuleringsregeling Duurzame Energie. Met bovendien een recordaantal projecten dragen bedrijven en instellingen fors bij aan het behalen van de doelstellingen uit het Energieakkoord.

De toegewezen projecten in deze voorjaarronde dragen, bij volledige realisatie, met een productie van 21,4 petajoule (PJ) per jaar bij aan de Nederlandse energievoorziening. Dit komt overeen met een bijdrage van 1,1 %-punt aan het aandeel hernieuwbare energie. Nederland heeft in het Energieakkoord een aandeel van veertien procent hernieuwbare energie als doel in 2020 en zestien procent in 2023 afgesproken. Voor deze ronde van de SDE+  was voor bijna 7,1 miljard euro aan projecten ingediend.

Alle SDE+ projecten uit de voorjaarsronde zijn te bekijken op een interactieve kaart: http://arcg.is/2x7TTCa

Zoveel mogelijk duurzame energie voor zo laag mogelijke kosten
De SDE+ is zo ingericht dat zoveel mogelijk hernieuwbare energie wordt opgewekt tegen zo laag mogelijke kosten. De regeling prikkelt aanvragers om projecten voor een zo laag mogelijke subsidie in te dienen. Het totale budget van de SDE+ (twaalf miljard euro) is dit jaar met drie miljard euro verhoogd ten opzichte van 2016.

In totaal is er met de SDE+ rondes, inclusief wind op zee vanaf 2008 tot en met de voorjaarsronde 2017 in totaal aan circa 29.500 projecten subsidie toegekend. Bijna een kwart van deze projecten is inmiddels gerealiseerd. 62% van de projecten is in de ontwikkelings- of bouwfase. Bij 14% van de projecten waarvoor een subsidiebeschikking is afgegeven, is geconcludeerd dat realisatie niet mogelijk bleek. Deze beschikkingen zijn vervolgens ingetrokken. Sommige van deze projecten hebben in latere rondes opnieuw een subsidiebeschikking aangevraagd en gekregen.

Najaarsronde SDE+ in oktober 2017 open

Ook in het najaar kunnen bedrijven en (non-profit) instellingen die hernieuwbare energie gaan produceren, weer gebruik maken van de SDE+ regeling. Inschrijving voor de najaarsronde van de SDE+ is geopend van 3 oktober tot 26 oktober 2017. Er is voor de projecten een budget van zes miljard euro beschikbaar.

Kamerbrief over resultaten voorjaarsronde SDE+ 2017 zie deze link.

 

Grootschalig zonnepark Groene Hoek krijgt groen licht.

Grootschalig zonnepark Groene Hoek krijgt groen licht

In de gemeente Haarlemmermeer kan een omvangrijk zonnepark worden gerealiseerd. Gedeputeerde Staten (GS) van de provincie Noord-Holland hebben de Groene Hoek, waar een zonnepark van 50 hectare wordt aangelegd, daarvoor aangewezen als zogenaamd stimuleringsgebied voor zonne-energie.

In de Groene Hoek was het al toegestaan een zonnepark van 25 hectare aan te leggen. In februari van dit jaar besloten GS meer mogelijkheden te willen bieden voor zonne-energie en te gaan onderzoeken welke locaties geschikt zijn voor grotere zonneparken. Via de Uitvoeringsregeling zonne-energie bij de Provinciale Ruimtelijke Verordening wordt dat nu mogelijk gemaakt. Het besluit wordt nog voorgelegd aan Provinciale Staten.

Gedeputeerde Ruimtelijk Ordening Joke Geldhof: “Wij zijn blij dat wij dit omvangrijke initiatief in de metropoolregio Amsterdam mogelijk kunnen maken. Dit brengt ons weer een stap dichterbij onze ambitie om in 2050 een echt duurzame energievoorziening te hebben in de provincie Noord-Holland. Als provincie faciliteren wij graag initiatieven voor zonne-energie op plekken waar het kan en past. Op die manier willen we ruimte bieden aan duurzame energie en tegelijkertijd de economische en landschappelijke kwaliteiten van het buitengebied behouden.”

Voorwaarden

Zonne-energie is een van de speerpunten van het duurzaamheidsbeleid van de provincie. Naast het stimuleren van zonne-energie op daken wordt ruimte geboden aan zonneparken in landelijk gebied. Daaraan zijn wel voorwaarden verbonden. Zo geldt er een maximale hoogte van de panelen,  mogen de zonneweides maximaal 25 jaar blijven staan en wordt een aantal kwetsbare landschappen uitgesloten van zon-ontwikkelingen.

Stimuleringsgebieden met zonneparken groter dan 25 hectare mogen alleen in gebieden met een grote dynamiek liggen en in samenwerking met, en met draagvlak van, belanghebbenden in de omgeving tot stand komen. Doel is het open gebied te sparen en zo de economische (agrarische) en landschappelijke kwaliteit van het buitengebied te behouden. De plannen voor de Groene Hoek voldoen hier aan.

Nationale Duurzame Huizenroute: 4 en 11 november 2017

Duurzame Nationale Huizenroute: 4 en 11 november 2017

Tijdens de Nationale Duurzame Huizen Route stellen in heel Nederland huiseigenaren hun duurzame huis open.

Particulieren die nadenken over woningverduurzaming zijn vooral geïnteresseerd in ervaringen van andere huiseigenaren. Wat hebben zij aan maatregelen genomen? Hoe hebben zij het geregeld? Wat is de verwachte opbrengst? De Duurzame Huizen Route op zaterdag 4 en 11 november 2017 biedt huiseigenaren de mogelijkheid andere huiseigenaren persoonlijk te ontmoeten. In een ongedwongen sfeer is er alle tijd om vragen te stellen.

Duurzame Huizen Route is de laatste jaren uitgegroeid tot een onafhankelijk platform waar huiseigenaren zich het hele jaar door kunnen oriënteren op duurzaam wonen. Zo kunnen er via de website vragen worden gesteld aan deelnemende huiseigenaren, zijn er opendeurdagen tijdens de eerste twee zaterdagen van november en worden er thematours georganiseerd.

Bent u een particulier, of kent u een particulier (wellicht een klant) die het leuk vindt anderen op weg te helpen met de verduurzaming van hun woning?

Meldt uw woning dan aan via: www.duurzamehuizenroute.nl.

U kunt deze site ook bezoeken voor een overzicht van deelnemende woningen, meer informatie of het aanmelden van een woning.

 

Award Duurzaam Ondernemen Medemblik 2017 in teken horeca

Award Duurzaam Ondernemen Medemblik 2017 in teken horeca

De gemeente Medemblik is op zoek naar horecaonder-nemers die duurzaam werken. Zij maken kans op de Award Duurzaam Ondernemen 2017.

Duurzaam ondernemen is toekomst gericht ondernemen. De horeca heeft direct te maken met maatschappelijke uitdagingen. Belangrijke thema’s binnen de branche zijn de productiewijze van voedsel, verminderen van voedselverspilling en afval, besparen op water en energie. Dat naast de groeiende behoefte aan smaakvolle en kwaliteitsproducten. Een duurzame ondernemer weet al deze uitdagingen slim te combineren.

Eerste stappen

Tijdens een informatiebijeenkomst eerder dit jaar bleek dat diverse Medemblikse horeca-ondernemers al flinke stappen hebben gemaakt en zich duurzame ondernemer mogen noemen. Al dan niet financieel geholpen door subsidieregelingen die de overheid aan ondernemers biedt. Naast de  deelnemers aan de bijeenkomst zijn er in Medemblik natuurlijk nog meer horecaondernemers die met energiebesparing resultaten boeken.

Hoe duurzaam onderneemt u?

Wie neemt dit jaar de Award Duurzame Ondernemer Medemblik in ontvangst? Daarom deze oproep aan horecaondernemers: laat weten hoe duurzaam uw bedrijfsvoering is. Geef op de volgende onderwerpen aan wat het bedrijf doet (eventueel samen met partners):

1.    Duurzame bedrijfsvoering (o.a. data, slimme ICT oplossing, meten en rapporteren, meer jaren        aanpak duurzaam onderhoud gebouw en apparatuur)

2.    Duurzaam vervoer (soort voertuigen, soort brandstof, beladingsgraad, of aanpak om zo min mogelijk vervoersbewegingen te realiseren)

3.    Duurzaam gedrag medewerkers (duurzaam inkopen, spelregels verlichting, verwarming en koeling e.d.)

4.    Duurzame opwekking (wekt u ook zelf energie op of compenseert u fossiele energie)

 

Meld u aan

De antwoorden op deze vragen stuurt u voor 1 september 2017 naar Miranda.laan@medemblik.nl. Voeg een foto toe om de sterke duurzame kanten te illustreren, die zetten we ook graag in de publicatie. Alle kleine stappen tellen mee, niet alleen de grote stappen. Alle inzendingen dingen automatisch mee naar de Award Duurzame Ondernemer Medemblik 2017. De gemeente neemt contact op en publiceert in overleg de aanpak van alle genomineerden als goed praktijkvoorbeeld.

Waterbouwsector gebaat bij meer experimenten

Bouwen met water is een groeimarkt waarop Nederlandse waterbouwers meer succesvol kunnen zijn mits de overheid meer proefprojecten mogelijk maakt. Dat zou nu bijvoorbeeld een extra impuls geven aan drijvend bouwen. Ook moet vlottere exportkredietverzekering de concurrentiepositie van Nederlandse waterbouwers op de wereldmarkt versterken.

Als het om innovatie gaat, staan Nederlandse aannemers en ingenieursbureaus in de waterbouw al vooraan, benadrukt Huis in ’t Veld. Hij noemt de Zandmotor en wijst op de koppositie van Nederlandse waterbouwers bij de aanleg van windparken op zee in Noord-West Europa. “Met nieuwe werkschepen speciaal voor dit doel, speelden die bedrijven tijdig in op deze ontwikkeling. Doordat met die schepen veel efficiënter kan worden gewerkt, zijn de kosten van offshore wind enorm gedaald. Economische Zaken houdt er bij de aanbesteding van nieuwe windparken al rekening mee dat er helemaal geen subsidie meer bij hoeft.”

Lees meer

Vloeistoftanks van composiet

Drie composietbedrijven uit Noord-Holland in Top 100 meest innovatieve bedrijven

Composietbedrijf Composite Production Technology (CPT) uit Wieringerwerf is genomineerd voor de twaalfde editie van de MKB Innovatie Top 100. Het bedrijf wordt geroemd om zijn lichtgewicht tankcontainer, die veertig procent lichter is en beter isoleert dan gangbare modellen. Voor de wedstrijd zijn ook NPSP uit Hoofddorp en Smit Composites uit Purmerend genomineerd. NPSP richt zich op vezelversterkte kunststoffen voor onder meer de bouw, design en mobiliteit. Smit Composites maakt composietproducten op maat.

Directeur Casper Willems van Composite Production Technology (CPT) is blij met de plaats in de Top 100. Of hij nu wint of niet als meest innovatieve bedrijf: “Zelf een prijs winnen is mooi, maar als een klant een prijs wint met jouw product is dat nog mooier. Zo won tanktransporteur Hoyer een duurzaamheidsprijs met het gebruik van onze Tankwell tankcontainers

Hightech vezelversterkte kunststoffen

Composiet bestaat uit hightech vezelversterkte kunststoffen. Het wordt in bijna iedere branche toegepast: van bruggen tot gevels, windmolens tot baden, auto’s en satellieten. De markt is nog relatief jong, maar maakt een snelle groei door en heeft bovendien een belangrijke rol in de transitie naar gebruik van duurzame materialen.

Samenwerkingsverband

CPT is ontstaan bij het project ‘Open Innovatie Alliantie Groot Composiet’, een samenwerkingsverband tussen het MKB en instellingen uit de composietsector in Noord-Holland. In 2016 is er opnieuw een samenwerking gestart op dit innovatieve gebied: het project ‘Valorisatie Hightech Sector Composieten NH’; hiervoor is 2,25 miljoen euro ontvangen uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling. Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord (NHN) is penvoerder van het project.

Hesther Bouma van NHN noemt het een extra boost dat drie composietbedrijven uit Noord-Holland zijn genomineerd voor de MKB Innovatie Top 100. “Deze nominatie is een mooie bevestiging dat deze bedrijven écht innovatief bezig zijn. We komen in de zoektocht naar nieuwe toepassingen van (bio)composiet dan ook een enorme gedrevenheid en passie tegen bij de bedrijven en kennisinstellingen die veelbelovend is. Maar we moeten ook scherp blijven dat we op andere fronten verbindingen verstevigen, niet alleen tussen deze bedrijven. Bijvoorbeeld met het onderwijs. We willen jong talent laten zien hoe gaaf het is te werken voor een bedrijf dat met composiet werkt.”

Over de MKB Innovatie Top 100

De Kamer van Koophandel (KvK) stelt ieder jaar de MKB Innovatie Top 100 samen uit Nederlandse bedrijven die concrete innovaties hebben gerealiseerd. De KvK stimuleert namelijk de groei van bedrijven, en een van de pijlers hiervan is innovatie. Dit najaar zijn de prijswinnaars bekend.

 

Website: www.mkbinnovatietop100.nl

Misschien ook interessant: http://onsnh.nl/innovatieve-mkber-gezocht-door-nh/

vlnrL René Hogeveen (HVC) Jan-Peter Born (HVC) Tjeerd de Groot (2e kamerlid D66) Claudia Weemhof (Statenlid D66) Rian van Dam (Greenport NHN), Melvin Tesselaar (Tesselaar Alstroemeria)

Sterke alliantie verduurzaming glastuinbouw Alton verrast D66

Kamerlid Tjeerd de Groot, statenlid Claudia Weemhoff en ondersteunende beleidsmedewerkers van D66  brachten afgelopen week een werkbezoek aan bloemenkwekerij H.M. Tesselaar Alstroemeria in Heerhugowaard. De D66 delegatie was onder de indruk van de brede samenwerking tussen ondernemers en bedrijfsleven, die de handen ineen slaan voor verduurzaming van de glastuinbouw in het Altongebied in Heerhugowaard.

D66 kamerlid Tjeerd de Groot reageert enthousiast op de integrale aanpak in het glastuinbouwgebied Alton door overheid en bedrijfsleven: “De toekomst van dit kassengebied zag er in de crisis van 2008 nog slecht uit, maar is nu op weg een voorbeeld voor verduurzaming en kringlooptuinbouw te worden!” De inzet van biologische gewasbeschermingsmiddelen door kwekerij H.M. Tesselaar Alstroemeria was de aanleiding voor het bezoek van de D66-delegatie.

De samenwerking door de ondernemers in Alton met de provincie, de gemeente, HVC Groep (de huisvuilcentrale in Alkmaar), Rabobank Alkmaar, Greenport NHN en Ontwikkelingsbedrijf NHN is gericht op verduurzaming van de glastuinbouw op gebiedsniveau. Plannen voor de realisatie van een warmtenet, het afvangen en toepassen van groene CO2 zijn daarvoor in ontwikkeling. D66 Statenlid Claudia Weemhoff reageert op de wijze waarop de regio Noord-Holland Noord bezig is met de verduurzaming van de glastuinbouw. “De ondernemersvereniging bundelt de lokale krachten in Noord-Holland Noord en werkt samen aan groene oplossingen. De knelpunten voor verdere verduurzaming zijn door Alstroemeria-teler Melvin Tesselaar helder aan ons overgebracht. Maar wat een prachtig product wordt hier gemaakt!”

Positief kritisch

Melvin Tesselaar, mede-eigenaar van H.M. Tesselaar Alstroemeria is blij met de woorden van kamerlid Tjeerd de Groot en Statenlid Claudia Weemhof. “Deels ingegeven door de veranderende regelgeving voor het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen, maar bovenal vanuit milieuoogpunt, zijn we overgestapt op de inzet van biologische gewasbeschermingsmiddelen. We zijn redelijk tevreden met de resultaten. We zien wel dat de tripsdruk, de trips is zeer klein insect dat eet aan de boven- en onderzijde van het blad en met name aan de bloem, toeneemt. We pleiten er dan ook voor om chemische middelen te mogen blijven gebruiken op het moment dat de biologische middelen de tripsdruk onvoldoende aankunnen”. Tesselaar, tevens bestuurslid Energie van de Ondernemersvereniging Alton (OVAL), is blij met de samenwerking met HVC Groep ten aanzien van het warmtenet naar Alton. Voor verduurzaming van zijn eigen teelt ziet hij nog wel een aantal knelpunten.

Onrendabele top

Jan-Peter Born, business developer CO2 bij HVC Groep, geeft aan dat het overschakelen van gasgestookte warmtekrachtkoppeling-installaties en ketels naar warmte uit een warmtenet of geothermiebron een behoefte aan CO2 met zich meebrengt. ”Deze CO2 kan afgevangen worden bij industrieën en vloeibaar per vrachtwagen geleverd worden bij de individuele bedrijven”, vertelt hij. HVC, Ontwikkelingsbedrijf NHN, ECW (energiebedrijf van Agriport) en OCAP-Linde Gas hebben een alliantie gevormd voor het afvangen en benutten van bio-CO2 afkomstig van de Biomassa Energiecentrale van HVC Groep in Alkmaar. Op 10 juni 2014 heeft de alliantie hiertoe samen met de provincie Noord-Holland een Greendeal gesloten met het ministerie van Economische Zaken (EZ). Het project zorgt voor een netto CO2-reductie in de hele keten van 50.000 ton per jaar bij een afvang van 65.000 ton CO2. Hiertoe is reeds SDE+ (stimulering duurzame energieproductie subsidie) toegekend. Ondanks de SDE+-subsidie kent de businesscase voor het afvangen en benutten van CO2 een onrendabele top van 13 miljoen.

Op 19 juni 2017 heeft de alliantie de businesscase gepresenteerd bij het ministerie van EZ. Jan-Peter Born: “Met een eenmalige investeringssubsidie vanuit EZ van 13 miljoen kan een jaarlijkse CO2-reductie van 50.000 ton worden gerealiseerd. De investeringssubsidie draagt daarnaast bij aan een toekomstbestendige en duurzame glastuinbouw. De beschikbaarheid van voldoende en goedkope CO2 is een cruciale randvoorwaarde voor de verdere verduurzaming van de glastuinbouw in Noord-Holland Noord”. Het ministerie van EZ beraadt zich nog op het maken van een subsidieregeling voor CO2 afvang en gebruik in de tuinbouw.

Warmtenet heeft prioriteit

“De prioriteit ligt de komende maanden bij de realisatie van het warmtenet”, aldus gebiedscoördinator Dave Vlaming van Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord. “Voorwaarde daarvoor is een leveringscontract tussen HVC en paprikakweker NH Paprika als eerste grote afnemer voor circa 125.000GJ, waar op dit moment aan gewerkt wordt. Dit energieverbruik komt overeen met dat van circa 3.500 woningen”. René Hogeveen, business ontwikkelaar warmte bij HVC, vult aan: “Daarnaast is het de bedoeling om de komende jaren ook woningbouw en bedrijfsgebouwen aan te sluiten op het warmtenet. De HVC vraagt daarom een garantstelling voor het aansluiten van 2.500 woningequivalenten aan de gemeente Heerhugowaard”. De aanleg van, het ruim 9 kilometer lange, warmtenet naar Alton door HVC is voorzien in 2018. Gebiedscoördinator Vlaming: “In Alton ligt er de mogelijkheid om de aanleg van het warmtenet te combineren met de aanleg van glasvezelinternet, een lokaal CO2-net en een wegverbreding. De komende maanden wordt onderzocht hoe dit ‘werk met werk maken’ vorm kan gaan krijgen”.

Zuivering afvalwater glastuinbouw vanaf 1 januari 2018 verplicht

Zuivering afvalwater glastuinbouw vanaf 1 januari 2018 verplicht

Met ingang van 1 januari 2018 zijn glastuinbouwbedrijven bij wet verplicht hun gewas-beschermingsmiddelen uit het afvalwater te zuiveren. Hiertoe hebben staatssecretaris Dijksma (Infrastructuur en Milieu) en staatssecretaris Van Dam (Economische Zaken) eerder besloten na overleg met brancheorganisatie LTO Glaskracht en andere betrokken partijen.

De wijziging van het Activiteitenbesluit is vandaag gepubliceerd in het Staatsblad. De regel wordt ingevoerd om ervoor te zorgen dat er geen milieuschade meer ontstaat door de afvoer van gewasbeschermingsmiddelen naar het riool en oppervlaktewater.

Bedrijven kunnen het afvalwater zelf zuiveren of daarvoor een mobiele installatie laten komen. Zij kunnen er ook voor kiezen om gebruik te maken van een collectieve zuiveringsinstallatie. Om bedrijven de tijd te geven een collectieve zuivering te organiseren, kunnen zij bij hun gemeente (lozing op riolering) of waterschap (lozing op oppervlaktewater) uitstel van uitvoering aanvragen tot uiterlijk 1 januari 2021.

Bedrijven met een open teelt moeten maatregelen nemen om de verwaaiing (drift) van gewasbeschermingsmiddelen met ten minste 75 procent te verminderen. Deze verplichting geldt voortaan voor het hele perceel, dus ongeacht de aanwezigheid van een sloot of de afstand tot een sloot.

Om het naastgelegen oppervlaktewater te beschermen, moet een teeltvrije zone worden toegepast. De minimale teeltvrije zone is 0,50 m (voorheen 0,25 m), en is groter voor bepaalde gewassen. Bij toepassing van een driftreductie van 90 procent in plaats van de minimaal voorgeschreven 75 procent, is het in een aantal gevallen mogelijk om deze teeltvrije zone te verkleinen.

De voorschriften voor drift en teeltvrije zone gaan op een nog te bepalen tijdstip later dit jaar in werking, wanneer de bijbehorende Ministeriële Regeling is gepubliceerd in de Staatscourant.

Informatie over waterzuiveringsinstallaties en technieken waarmee bedrijven de drift kunnen verminderen, is te vinden op de volgende websites: website van de Helpdesk Water, hier voor goedgekeurde waterzuiveringsinstallaties en voor goedgekeurde driftreductietechnieken.