Juridische ondernemers tips en informatie. Artikelen door Marianne Zeeman en Sylvia Punt

social-media-Facebook

Bedrijven delen klantgegevens ongevraagd met Facebook

Veel bedrijven delen klantgegevens met Facebook zónder de benodigde toestemming van hun klanten. Daarmee overtreden zij volgens de Consumentenbond de Wet bescherming persoonsgegevens. De Consumentenbond heeft 17 bedrijven hier op aangesproken. Vier bedrijven zijn er al mee gestopt of doen dat binnenkort.

Veel bedrijven sturen hun klantbestanden naar Facebook om zo gerichter te kunnen adverteren. Meestal gaat het om e-mailadressen, maar soms delen ze ook andere persoonsgegevens zoals adressen, geboortedatums en telefoonnummers. Volgens de Wet bescherming persoonsgegevens mogen bedrijven die gegevens niet zomaar zonder toestemming van de klant met derden delen. Maar dat gebeurt wel. Na onderzoek heeft de Consumentenbond 17 bedrijven daarop aangesproken.

Lees meer

Meer pensioen door samenvoegen kleine pensioentjes

Werken met uitzendbureaus checklist

De Inspectie SZW (ISZW) heeft samen met de Belastingdienst en branchepartijen in de uitzendsector ABU, NBBU, SNA en SNCU een checklist ontwikkeld voor bedrijven die werken met uitzendbureaus.

De checklist helpt bedrijven te beoordelen of zij op een eerlijke, gezonde en veilige manier met uitzendkrachten werken.

Controle en eerlijk loon

Aan de hand van negen punten beoordelen bedrijven het uitzendbureau waar zij mee werken en wordt duidelijk welke punten zij zelf nog op orde moeten brengen. Het gaat onder andere om juiste registratie van het uitzendbureau bij de Kamer van Koophandel, het gebruik van een g-rekening, betalen van een eerlijk loon en het controleren van de identiteit van de uitzendkracht. Wanneer aan alle negen punten uit de checklist wordt voldaan dan is de kans een stuk groter dat het uitzendwerk op een eerlijke, gezonde en veilige manier gebeurt. Zowel de inlener als het uitzendbureau moeten volgens de Inspectie SZW regelmatig alle punten controleren en alert blijven op signalen van misstanden.

Onderscheidend vermogen

Het merendeel van de uitzendbureaus houdt zich keurig aan de regels, maar er zijn malafide uitzendbureaus die uitzendkrachten onderbetalen en uitbuiten. Bedrijven die arbeidskrachten bij malafide uitzenders inhuren, kunnen op oneerlijke wijze goedkoper produceren en concurreren. De Inspectie SZW treedt daar streng tegen op. Ook inleners kunnen hun verantwoordelijkheid nemen om misstanden met uitzendwerk tegen te gaan.

Bovendien zijn inleners in sommige gevallen ook aansprakelijk als zaken niet goed zijn geregeld. Met name in de metaalsector, de industrie, horeca, detailhandel, land- en tuinbouw, schoonmaaksector en bouwsector ziet de Inspectie misstanden met uitzendwerk. De checklist helpt bedrijven om hun uitzendwerk op een eerlijke, gezonde en veilige manier te regelen.

Zakendoen met een uitzendbureau?

Zorg dan dat u én het uitzendbureau zich aan de regels houden. Deze checklist helpt u een uitzendbureau te selecteren, en om zelf op een eerlijke en veilige manier met uitzendkrachten aan de slag te gaan.

 

strafmaat ernstige verkeersdelicten fors omhoog

Strafmaat ernstige verkeersdelicten fors omhoog

Minister Blok van Veiligheid en Justitie bereidt wetgeving voor om de maximale strafmaat te verhogen voor een aantal ernstige verkeersdelicten. Dat schrijft hij vandaag aan de Tweede Kamer.  Het gaat om rijden onder invloed, doorrijden na een ongeval, rijden zonder (geldig) rijbewijs en gevaarlijk rijgedrag zonder ernstige gevolgen.

Ook zal in het wetsvoorstel op een andere manier invulling gegeven worden aan het begrip roekeloosheid in de Wegenverkeerswet 1994, zodat meer situaties waarin roekeloos wordt gereden kunnen worden bestraft. Tot slot wil hij mogelijk maken dat de politie meer opsporingsbevoegdheden krijgt in situaties waarin bestuurders zijn doorgereden na een ernstig ongeval met letsel of erger tot gevolg.

De minister baseert zich bij deze wijzigingen op de resultaten van een onderzoek van de universiteit van Groningen. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het wetenschappelijk onderzoeks- en documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie (WODC). Minister Blok vindt het een waardevol onderzoek, omdat het een goed beeld geeft van straffen bij ernstige verkeersdelicten. Met de maatregelen die Blok neemt, komt hij tegemoet aan de verbeterpunten die de onderzoekers zien.

Naast deze verbeterpunten is een belangrijke constatering van de onderzoekers dat het niveau van bestraffing over het algemeen adequaat is. Ook blijkt dat, conform de bedoeling van de wetgever, dat naarmate de ernst van de verkeersfout en de ernst van het letsel toenemen, ook de duur en zwaarte van de straf toeneemt.

Beleidsreactie onderzoek: Straftoemeting ernstige verkeersdelicten

Onderzoek rapport: Ernstige verkeersdelicten

 

Duidelijkheid over fosfaatrechten voor melkveehouders

Fosfaatrechten voor melkveehouders vastgesteld

Staatsecretaris Van Dam van Economische Zaken heeft het kortingspercentage vastgesteld waarmee vanaf volgend jaar de toedeling van het aantal fosfaatrechten aan melkvee-houders wordt berekend. Ten opzichte van het aantal gehouden koeien op 2 juli 2015 zullen niet-grondgebonden melkveehouders 8,3% worden gekort op de hoeveelheid toegekende fosfaatrechten.

Het fosfaatrechtenstelsel is een nieuw systeem waarmee de toename van de hoeveelheid fosfaat – als bestanddeel van mest – van melkvee wordt begrensd. De bestaande knelgevallenvoorziening in de wet fosfaatrechten wordt daarnaast uitgebreid met twee categorieën bedrijven. Hiermee wordt advies van de commissie voor de knelgevallen fosfaatrechten overgenomen.

Europees plafond

Boeren mogen in 2018 alleen melkvee houden als ze daarvoor voldoende fosfaatrechten hebben. Zij krijgen deze rechten toegekend op basis van het aantal gehouden koeien op 2 juli 2015. Omdat de totale hoeveelheid fosfaatrechten te groot is om de fosfaatproductie weer onder het Europese plafond te brengen, worden de fosfaatrechten afgeroomd met een kortingspercentage. Dit percentage is vastgesteld op advies van het CDM en de commissie voor knelgevallen.

Derogatie

Het fosfaatrechtenstelsel treedt in 2018 in werking, afhankelijk van gesprekken met de Europese Commissie over een nieuwe  derogatie. Het nieuwe stelsel volgt op het fosfaatreductieplan waarmee de uitstoot van fosfaat in Nederland in 2017 weer onder het Europese plafond wordt gebracht. De maatregelen zijn noodzakelijk om het verlies van de derogatie te voorkomen, op basis waarvan Nederland veel meer dierlijke mest mag gebruiken dan is toegestaan volgens de nitraatrichtlijn. Het verlies van deze uitzonderingspositie zou grote financiële gevolgen hebben voor de Nederlandse melkveehouderij.

Knelgevallenvoorziening

De knelgevallenvoorziening wordt via een algemene maatregel van bestuur uitgebreid met nieuw gestarte bedrijven en bedrijven die in een buitengewone situatie verkeren vanwege projecten voor het algemeen belang, waardoor zij minder grond of minder dieren hadden op 2 juli 2015. Het gaat bij deze buitengewone situaties om de realisatie van een natuurgebied, de aanleg of het onderhoud van publieke infrastructuur zoals een weg of het instellen van  een algemene nutsvoorziening zoals de aanleg van een elektriciteitskabel. De commissie voor knelgevallen heeft in haar advies meegewogen of de gevolgen voor andere veehouders gerechtvaardigd zijn en of de groepen bedrijven voldoende af te bakenen zijn.

Vrijstellingen

In de knelgevallenvoorziening was al rekening gehouden met boeren in een overmachtssituatie, als gevolg van bijvoorbeeld ziekte, stalbrand of een verbouwing. Bedrijven met voldoende grond in verhouding tot het aantal koeien, de zogenaamde grondgebonden bedrijven, zijn geheel vrijgesteld van de generieke korting. Bedrijven met een relatief klein overschot koeien in relatie tot eigen grond zijn dit gedeeltelijk.

E-mail valt ook onder briefgeheim

E-mail valt ook onder briefgeheim

E-mail en andere vormen van telecommunicatie krijgen voortaan ook de grondwettelijke bescherming van vertrouwelijkheid. Vandaag heeft de Eerste Kamer unaniem ingestemd met het voorstel van minister Plasterk (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) artikel 13 van de Grondwet zo aan te passen dat ook voor deze vormen van communicatie het briefgeheim geldt.

In het huidige artikel 13 van de Grondwet wordt nog gesproken van telefoon- en telegraaf geheim. Dat is niet meer van deze tijd. In het voorstel dat vandaag is aangenomen door de Eerste Kamer staat nu: ‘Ieder heeft recht op eerbiediging van zijn brief- en telecommunicatiegeheim.’ Alleen na tussenkomst van een rechter (of in het belang van de nationale veiligheid met toestemming van in de wet aangewezen personen) kan inbreuk op dit recht worden gemaakt. Dit geldt voortaan dus ook voor bijvoorbeeld sms of e-mail.

Het voorstel kent een lange voorgeschiedenis. Nadat eerdere kabinetten tot tweemaal toe een poging tot het moderniseren van dit Grondwetsartikel in eerste lezing zagen mislukken (in 1997 en 2004), is in deze kabinetsperiode het onderwerp weer opgepakt. Het voorstel tot wijziging van de Grondwet is nu in eerste lezing aangenomen door beide Kamers van de Staten-Generaal. Een wijziging van de Grondwet gaat in twee ronden. Na verkiezingen wordt het voorstel in tweede lezing door de Tweede en Eerste Kamer behandeld. De Grondwetswijziging heeft dan de steun van een tweederde meerderheid in beide Kamers nodig om aangenomen te worden.

 

onderzoek naar progressief boetestelsel verkeer

Voor de snelle chauffeurs onder ons

De verkeersveiligheid kan mogelijk verbeteren met een progressief boetestelsel. Hierbij krijgen hardrijders een hogere boete naarmate ze vaker de fout in gaan. Er is daarom aanleiding om de mogelijkheden voor een progressief boetestelsel verder te verkennen.

Minister Blok van Veiligheid en Justitie vraagt de organisaties in de keten – het Openbaar Ministerie (OM), het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB), de politie en de rechtspraak – een uitvoeringstoets te doen naar de uitvoerbaarheid, haalbaarheid en handhaafbaarheid van een progressief boetestelsel binnen de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv).

Lees meer

faillissementen efficiënter afwikkelen

Faillissementen efficiënter afwikkelen

De huidige en verouderde faillissementsprocedure krijgt een modern jasje. Dit met als doel faillissementen sneller, transparanter en makkelijker af te wikkelen. Zo kan er straks beter gebruik worden gemaakt van de mogelijkheden om digitaal te werken.

Ook krijgen curator en rechter-commissaris meer ruimte om maatwerk te leveren. Bovendien wordt het insolventieregister verbeterd. Dat is de kern van een wetsvoorstel van minister Blok (Veiligheid en Justitie) dat bij de Tweede Kamer is ingediend.

Uitbetaling

De nieuwe regeling draagt bij aan hogere opbrengsten van een faillissementsprocedure en beperkt de maatschappelijke kosten die uit een faillissement voortvloeien. Dat is van belang, omdat uitbetaling uit een faillissementsboedel voor crediteuren vaak zeer beperkt is en regelmatig lang op zich laat wachten. Elke maatregel die de procedure sneller en efficiënter kan maken, levert de betrokken partijen dus veel op. Het wetsvoorstel is onderdeel van het wetgevingsprogramma Herijking faillissementsrecht.

Digitale hulpmiddelen

Op dit moment wordt nog veel informatie op papier verstrekt. Dat is inefficiёnt en kost de curator veel tijd. Door inzet van digitale hulpmiddelen kan dat sneller en makkelijker. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor vergaderingen: niet meer fysiek, maar elektronisch. Verder verbetert digitaal werken de informatievoorziening aan schuldeisers. Zij willen snel bekend zijn met het vonnis waarin het faillissement is uitgesproken, om hun belangen veilig te kunnen stellen.

Consumenten en ondernemers zijn gebaat bij een actueel en bijgewerkt insolventieregister. Nu moeten zij soms nog met de rechtbank bellen om te controleren of een bedrijf failliet is. Verder kan een snelle en eenvoudige toegang tot het register van faillietverklaringen onnodige verliezen voorkomen. Bijvoorbeeld in de situatie dat iemand niet weet dat een bedrijf failliet is en toch vooruitbetaalt. Verbeterde, digitale informatievoorziening voorziet ook in de behoefte van schuldeisers om snel te kunnen beschikken over belangrijke besluiten van de rechter. Bijvoorbeeld de toestemming voor de verkoop van de bedrijfsinventaris van de failliete onderneming.

Daarnaast is de verwachting dat curatoren steeds meer uit eigen beweging stukken zullen publiceren op een website. In sommige grote faillissementen beheert de curator al een speciale website met verslagen, boedelbeschrijvingen en uitdelingslijsten. Dit komt de informatievoorziening aan de schuldeisers ten goede.

Kosten terugdringen

Om de de afwikkeling van faillissementen efficiënter te laten verlopen, krijgt de curator de bevoegdheid zelf een lijst van vorderingen ter verificatie op te stellen. Hij hoeft dan niet te wachten op schuldeisers die hun vordering bij hem indienen. Deze mogelijkheid kan vooral in grote faillissementen van pas komen en de kosten voor schuldeisers terugdringen. Ook worden de mogelijkheden beperkt om vorderingen op het laatste moment ter verificatie bij de curator in te dienen. Is een schuldeiser te laat, dan deelt hij niet meer mee in de uitkering van het faillissement.

Nieuw is ook dat de rechter-commissaris voortaan zelf bepaalt of en zo ja: wanneer een verificatievergadering wordt gehouden. Ook kunnen er meerdere vergaderingen plaatsvinden, waarbij bijvoorbeeld verschillende groepen schuldeisers worden opgeroepen. Dit stelt de rechter in staat om meer maatwerk te leveren. Aanpassingen in de regeling van de schuldeiserscommissie zorgen er naar verwachting voor dat schuldeisers betere inspraak hebben bij de afwikkeling van het faillissement.

Tot slot wordt het eenvoudiger om een deskundige in te schakelen en meerdere rechters-commissarissen in het faillissement te benoemen. Dit draagt bij aan specialisatie binnen de rechterlijke macht en bevordert het toezicht in omvangrijke en ingewikkelde faillissementen. Denk bijvoorbeeld aan het faillissement van een scholengemeenschap, waarbij een rechter-commissaris vanuit een andere rechtbank wordt benoemd die ervaring heeft met dergelijke faillissementen.

Meldnummer ladingdiefstal

Politie opent speciaal aangifteloket ladingdiefstal

Vanaf heden kan iedere logistieke ondernemer 24 uur per dag aangifte doen van ladingdiefstal via 088-0087444. Het bedrijfsleven en de politie willen met dit speciale loket het ondernemers makkelijker maken om aangifte te doen. Zo hopen ze ook het aantal ladingdiefstallen terug te dringen.

Transportcriminaliteit stijgende lijn

Aangiftes zijn een belangrijke bron van informatie voor het opsporen en bestrijden van transportcriminaliteit. Op basis van een gedeeld en volledig beeld kan de politie effectievere maatregelen treffen. En dat is nodig: uit de kwartaalcijfers van de Landelijke Eenheid blijkt dat het aantal ladingdiefstallen en pogingen daartoe in het eerste kwartaal 46% hoger ligt dan hetzelfde kwartaal in 2016. Arthur van Dijk, voorzitter van Transport en Logistiek Nederland en Ambassadeur Transportcriminaliteit: “Om te voorkomen dat deze stijging doorzet, zijn maatregelen als dit aangifteloket helaas nodig.”

Melding maken

Logistiek ondernemers bellen met 088-0087444 en doen telefonisch aangifte. Bij meldingen binnen kantooruren wordt de aangifte meteen opgenomen. Wordt er na kantooruren gebeld dan wordt het incident geregistreerd en zoekt de politie de eerstvolgende werkdag contact om de aangifte op te nemen. Als er een snelle opvolging nodig is dan onderneemt de politie direct actie. Ondernemers verliezen dus geen tijd, kunnen ongeacht tijd en plaats aangifte doen en hoeven nu nog maar één nummer te bellen voor zowel diefstal van een vrachtauto of lading.

Hernieuwbare energie door monomestvergisters

Uitspraak fosfaatreductieregeling, de staat in beroep

De Staat gaat in hoger beroep tegen de uitspraak van de rechter waarmee onlangs een beperkt aantal boeren- bedrijven is uitgezonderd van de fosfaatreductieregeling. Voor alle andere melkveebedrijven blijft de fosfaat-reductieregeling onverkort van toepassing.

Dit schrijft staatssecretaris Martijn van Dam (Economische Zaken) in een brief aan de Tweede Kamer na overleg met het zuivelbedrijfsleven, de diervoederindustrie en de Rabobank. Deze partijen hebben samen het fosfaatreductieplan opgesteld voor behoud en verlenging van de zogeheten derogatie, een uitzondering op de Europese mestregels.  De sectorpartijen steunen de Staat in het aantekenen van het hoger beroep.

Eigen belang sector

De fosfaatreductieregeling moet nog dit jaar leiden tot een forse reductie van de fosfaatproductie. Dit is noodzakelijk omdat het Europese fosfaatplafond is overschreden. Deze overschrijding leidt tot het verlies van de derogatie op basis waarvan Nederland veel meer dierlijke mest mag gebruiken dan is toegestaan volgens de nitraatrichtlijn. Het verlies van deze uitzonderingspositie zou grote financiële gevolgen hebben voor de Nederlandse veehouderij.

Van Dam:  “Uit recente cijfers van het CBS blijkt dat een groot deel van het doel om de  fosfaatproductie in 2017 weer onder het Europees plafond te brengen, al is gehaald. Maar we zijn er nog niet. Het is in het eigen belang van de melkveehouderij om nu met volle vaart door te zetten.  Alleen dan behoudt de sector zicht op derogatie.”

Gronden voor hoger beroep

Er zijn goede gronden om tegen de uitspraak in hoger beroep te gaan. Zo is onder andere het oordeel van de rechter dat de fosfaatreductieregeling disproportioneel uitpakt voor de eisende melkveehouders aanvechtbaar. Daarnaast meent de Staat dat de regeling voorzienbaar was voor alle melkveehouders. Zij wisten dat er maatregelen getroffen zouden worden als het Europees fosfaatplafond werd overschreden.

Het hoger beroep betekent dat bedrijven die naar aanleiding van het recente vonnis besluiten zich nu niet aan de fosfaatreductieregeling te houden, hierbij een risico nemen dat voor eigen rekening komt.  Het hoger beroep wordt aangetekend via een spoedappèl om zo de periode waarin onzekerheid bestaat over de status van de uitspraak tot een minimum te beperken. Met het spoedappèl wordt gehoopt op een uitspraak in augustus.

Jongvee

In de brief schrijft Van Dam verder dat hij samen met de sector kijkt of er draagvlak is voor een alternatieve invulling van het jongvee getal.  Het jongvee getal is onlangs geïntroduceerd om te voorkomen dat melkveehouders hun vee tijdelijk zouden onderbrengen bij niet melk leverende bedrijven. Deze niet melk leverende veehouderijen zijn namelijk vrijgesteld van het fosfaatreductieplan.

Afgelopen week gaven de  sectorpartijen aan dat de introductie van het jongvee getal tot onbedoelde effecten leidt in de melkveesector. De staatssecretaris heeft de sector daarom uitgenodigd op korte termijn te onderzoeken of er draagvlak is voor een alternatieve invulling van het jongvee getal. Voorwaarde is wel dat dit niet ten koste gaat van de effectiviteit van de regeling en geen ongewenste markteffecten voor andere sectoren geeft.

U kunt hier de brief downloaden over fosfaatreductieplan melkveehouderij.

juridisch

Eendaagse nachtritten toeslag cassatie ingesteld

In het geschil tussen cao-partijen over de uitleg van artikel 37, de toeslag voor eendaagse nachtritten, heeft het Gerechtshof te Amsterdam inmiddels uitspraak gedaan.

Ook het Hof is helaas van mening dat indien een eendaagse rit ’s avonds voor 24.00 uur eindigt, er toch sprake is van een eendaagse nachtrit en dat over de diensturen tussen 20.00 en 24.00 uur er een toeslag dient te worden betaald van (nu) 2,66 bruto euro per uur.

Vergoeding

TLN is en blijft van mening dat het nimmer de bedoeling van cao-partijen is geweest om de vergoeding ook voor deze avonduren te laten gelden indien er niet ook na 24.00 uur, in de nacht, zou worden gereden. De rechterlijke macht interpreteert de afspraak, die dateert van 1994, echter puur in letterlijke zin.

Uitspraak

Er is inmiddels namens TLN cassatie ingesteld. Naar verwachting zal de uitspraak nog enige tijd op zich laten wachten.