De provincie verkoopt via deze kavelruil zo’n 110 ha agrarische grond

Wieringermeerpolder Grote kavelruil

Hiermee ontstaat ruimte voor bedrijfsontwikkeling en voor het zweefvliegveld en het betekent een forse afname van landbouwverkeer over de openbare weg. De provincie Noord-Holland, het Rijk, NUON en tien agrariërs ruilen onderling een grondoppervlak van meer dan 600 voetbalvelden (309 hectare) in de Wieringer-meerpolder en op Wieringen.

De provincie verkoopt via deze kavelruil zo’n 110 ha agrarische grond. Ze houden dan nog een derde over van de oorspronkelijke grondportefeuille in dit gebied. En zo sluiten ze op deze manier hoofdstuk voor hoofdstuk het boek van het voormalig Wieringerrandmeer en geven de grond weer terug aan het gebied.
Een positieve instelling van alle betrokkenen, nauwe samenwerking en elkaar ook wat gunnen, dat zijn de belangrijkste ingrediënten voor deze succesvolle grondruil, aldus landbouwgedeputeerde Jaap Bond.

Lees meer

Medisch zorg

Start-ups zorg €12 miljoen extra

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat investeren 12 miljoen in startende ondernemingen die innovatie zorgtechnologie ontwikkelen.

Beide ministeries investeren dit bedrag in de zogenoemde SEED Capital-regeling, waarin drie fondsen zijn toegewezen, Health Innovation Fonds III, Healthy Capital I en Holland Venture Zorg Innovaties II.De bekendmaking van het gereserveerde bedrag valt aan het begin van de nationale e-healthweek.

Lees meer

alle economische sectoren moeten veranderen als we klimaatverandering willen tegengaan

Plannen voor duurzaam Nederland tot 2050

innovatieDe plannen voor een duurzame, circulaire economie in Nederland in 2050 zijn vandaag verschenen. Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat) nam ze maandag in ontvangst.

De vijf plannen gaan over de sectoren Biomassa & Voedsel, Bouw, Consumptiegoederen, Kunststoffen en Maakindustrie.

Lees meer

geld

Maatregelen SZW terrein 2018

Per 1 januari 2018 verandert een aantal regels op SZW-terrein, hieronder staan de veranderingen op een rijtje.

Aan het begin van het nieuwe jaar worden nieuwe eisen van kracht waar certificerende instellingen aan moeten voldoen om certificaten af te mogen geven die op grond van de arbeidsomstandigheden-regelgeving vereist zijn. Dat geldt bijvoorbeeld voor de certificatie van arbodiensten, kraanmachinisten, duikers en asbestverwijdering. De nieuwe voorschriften houden in dat certificerende instellingen moeten beschikken over een accreditatie van de Raad voor Accreditatie. Deze wijzigingen zorgen voor een verdere professionalisering van de wettelijk verplichte certificering. Er geldt een overgangsregeling tot eind 2019.

Lees meer

Werkeloosheid is onder 400.000 gedaalt, daarmee op laagste punt in 8 jaar.

Werkloosheid laagste stand sinds 8 jaar

Bijna 8,7 miljoen Nederlanders hebben een baan. Daarmee is nu een recordaantal mensen aan de slag en daalt de werkloosheid. Nooit eerder waren er zoveel mensen aan het werk als in de maand november.

Vooral veel 45-plussers zijn aan de slag gekomen. Het aantal werklozen is voor het eerst sinds augustus 2009 onder de 400.000 gekomen. Daarmee is de werkloosheid op het laagste punt in 8 jaar.

Lees meer

Plan van aanpak tegengaan mestfraude goede eerste stap

Plan van aanpak mestfraude

Om mestfraude zichtbaar te maken en wie zich aan de regels houdt en wie niet, wordt een kwaliteitskeurmerk ingevoerd voor alle ondernemers binnen de mestketen. Voor ondernemers zonder keurmerk kan dit betekenen dat het moeilijk wordt een financiering te krijgen of hun product te laten vervoeren.

Dit is de kern van een plan van aanpak van de Land- en Tuinbouw Organisatie LTO, de Producenten Organisatie Varkenshouderij (POV), Rabobank, CUMELA en Transport en Logistiek Nederland (TLN). Het plan van aanpak is opgesteld op uitdrukkelijk verzoek van minister Carola Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit met als doel het  tegengaan van mestfraude en het realiseren van een cultuurverandering binnen de sector. In de brief die naar de Tweede Kamer is gestuurd spreekt de minister van een goede eerste stap.

Minister Carola Schouten: “Ik heb de partijen eerder duidelijk gemaakt dat de verantwoordelijkheid voor een cultuurverandering en het tegengaan van fraude uitdrukkelijk bij de sector ligt. Ik ben blij te zien dat zij deze verantwoordelijkheid nemen. Het is een goede eerste stap. Als volgende stap heb ik opgeroepen zoveel mogelijk partijen in de keten het kwaliteitskeurmerk te laten ondertekenen. Bovendien moet duidelijk zijn aan welke regels de bedrijven moeten voldoen om het keurmerk te krijgen en welke externe onafhankelijke organisatie deze  controleert. Om het proces nauwgezet te volgen heb ik alle betrokken partijen gevraagd iedere drie maanden weer bij mij aan tafel te komen.”

Aanvullende maatregelen vanuit overheid

Naast het plan van aanpak van de sector, zal de overheid met een aantal aanvullende maatregelen komen. De meest belangrijke zijn:

  • Versterkt toezicht in risicogebieden
  • Meer inzet op techniek
  • Geen subsidies voor frauderende bedrijven
  • Vereenvoudiging van mestregels

Er wordt ingezet op meer gericht toezicht en handhaving in de gebieden waar mestfraude vaker voorkomt. Hiervoor zal intensief worden samengewerkt met provincies, gemeenten en waterschappen en de omgevingsdiensten. Als er fraude wordt geconstateerd is in veel gevallen veel (personele)  inzet nodig om daadwerkelijk tot vervolging over te kunnen gaan. Daarom wordt met alle betrokken partijen, waaronder het Openbaar Ministerie, bekeken of hiervoor zogenoemde taskforce een opgezet kan worden.

Verder wordt de hoeveelheid mest die een transporteur vervoert op dit moment op papier doorgegeven aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl). De vervoerder kan dat tot 30 dagen na transport doen. De regelgeving wordt zo aangepast dat het mesttransport in de toekomst via een app, real time moet worden doorgegeven. De mogelijkheden voor het in eigen voordeel aanpassen van de administratie worden hierdoor beperkt.

Geen subsidie frauderende bedrijven/vereenvoudiging mestregels

Door RVO wordt onderzocht of subsidies die door de overheid worden verstrekt, ook terechtkomen bij bedrijven die fraude plegen. Daarna wordt onderzocht of deze subsidies kunnen worden stopgezet of teruggevorderd. De provincie Noord-Brabant heeft inmiddels aangegeven dat het stappen onderneemt om ervoor te zorgen dat vergunningen en subsidies niet bij frauderende bedrijven terechtkomen. Er wordt verkend hoe andere provincies hier mee omgaan.

Het stelsel van wet- en regelgeving op het gebied van mest is erg complex. Dit heeft niet alleen gevolgen voor de mogelijkheden voor fraude, maar ook voor de administratieve lasten van de sector.  Een toekomstbestendig systeem is noodzakelijk. Het ministerie van LNV zal hierover samen met de sector het gesprek vervolgen.

Lees hier de kamerbrief over plan van aanpak mestfraude

Wat te doen met die lege stal?

Gebouwen boerenbedrijven leegstand

Met name in het noorden van Noord-Holland komen steeds meer gebouwen van boerenbedrijven leeg te staan.

De provincie Noord-Holland wil voorkomen dat deze gebouwen door gebrek aan onderhoud vervallen of gebruikt worden voor oneigenlijke activiteiten zoals caravanstallingen in kassen. De provincie gaat samen met de gemeenten en de agrarische sector per regio een plan opstellen hoe hier het beste mee omgegaan kan worden.

“Het probleem is groter dan ik had gedacht. Alleen al in Noord-Holland gaat het tot 2030 om bijna anderhalf miljoen vierkante meters aan leegstaande gebouwen. Dit speelt ook in de andere provincies. Ik ga daarom via het Interprovinciaal Overleg ook bij het Rijk aandringen op maatregelen.” aldus Jaap Bond, gedeputeerde Economische Zaken en Landbouw van de provincie Noord-Holland. Bond reageert hiermee op het onderzoek dat Wageningen Economic Research en het Kadaster hebben gedaan naar vrijkomende agrarische bebouwing.

Leegstand bedrijfsgebouwen

De provincie heeft Wageningen Economic Research en het Kadaster gevraagd om te onderzoeken hoeveel gebouwen van boerenbedrijven er leeg komen te staan in Noord-Holland. Boerenbedrijven worden steeds groter, maar hun aantal neemt af. Tussen 2000 en 2015 zijn 2210 boerenbedrijven gestopt. Naar verwachting zullen tot 2030 nog 1300 bedrijven stoppen. De woonhuizen op het erf blijven meestal bewoond, maar de bedrijfsgebouwen blijven vaak leeg staan. Tot 2030 gaat het in totaal om 1,4 miljoen vierkante meters aan bedrijfsgebouwen.

Regionale verschillen

In de Kop van Noord-Holland staan meer gebouwen leeg dan in het zuiden van de provincie. Bond: “Dit vergt per regio een eigen aanpak. Rondom Amsterdam en in het Gooi zijn andere mogelijkheden voor nieuwe bestemmingen van leegstaande gebouwen dan in de Kop van Noord-Holland.” Uit de vragenlijst aan de gemeenten en de expertmeeting met stakeholders komt naar voren dat VAB’s op het moment nog niet als probleem ervaren wordt in Noord-Holland.

Vooral in het noorden van de provincie wordt door gemeenten aangeven dat er nu wel leegstand is, maar dat dit niet als probleem gezien wordt. Tijdens de expertmeeting komt ter sprake dat veel agrariërs na bedrijfsbeëindiging op het eigen erf willen blijven wonen. Verkoop van de grond en verhuur van de gebouwen levert vaak voldoende inkomsten op om dit mogelijk te maken. Daarnaast is er veel vraag naar locaties in het buitengebied en worden voor leegstaande gebouwenmakkelijk nieuwe functies gevonden. Voor de toekomst geven de gemeenten en andere deelnemers van de expertmeeting aan VAB’s wel als opgave in het landelijk gebied te zien.

Je kunt hier het complete rapport downloaden.

Meer pensioen door samenvoegen kleine pensioentjes

Meer pensioen door samenvoegen kleine pensioentjes

Vanaf 2019 kunnen pensioenuitvoerders kleine pensioentjes overdragen aan de nieuwe uitvoerder van een deelnemer, zodat je ook met dat oude geld blijft sparen voor je pensioen. Daarmee krijg je later meer pensioen.

De Tweede Kamer heeft vanmiddag in ruime meerderheid ingestemd met het wetsvoorstel waardeoverdracht klein pensioen van minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Wie in zijn leven veel verschillende werkgevers heeft, heeft daarmee ook veel verschillende pensioenpotjes. Door hoge administratiekosten kunnen pensioenuitvoerders deze potjes afkopen. Dat zorgt ervoor dat bij ingang van de pensioengerechtigde leeftijd minder pensioen beschikbaar is. Dit gaat nu veranderen.

Pensioenuitvoerders krijgen de mogelijkheid om pensioenpotjes van meer dan 2 euro en minder dan 468 euro per jaar automatisch toe te voegen aan de pensioenpot waar iemand op dit moment actief pensioen opbouwt. Daarmee groeit zijn totale pensioenspaarpot en wordt de uiteindelijke uitkering hoger. Minister Koolmees: ,,Dit is natuurlijk goed nieuws voor iedereen die nu nog een bonte verzameling van verschillende pensioenpotjes heeft. Door die bedragen bij elkaar op te tellen in plaats van vroegtijdig af te kopen, krijgt jouw pensioen meer waarde. Op die manier kun je veel beter een appeltje voor de dorst opbouwen.’’

Tot 1 januari 2019 kunnen mensen er nog voor kiezen om het hele kleine pensioen over te dragen en kunnen pensioenfondsen deze lage bedragen nog afkopen. Vanaf 1 januari 2019 mogen pensioenuitvoerders hele kleine pensioenpotjes van minder dan 2 euro laten vervallen. Dit heeft te maken met de hoge administratiekosten die in geen enkele verhouding staan tot de waarde van zo’n heel klein pensioen. Die kosten moeten worden opgebracht door de overige deelnemers en de werkgevers. Deze heel kleine bedragen vervallen aan het collectief.

Minister Koolmees roept iedereen op om op zoek te gaan naar hun hele kleine pensioenpotjes. Dit zijn pensioentjes van maximaal 2 euro per jaar. Daarvan zijn er meer dan 200.000. Lang niet iedereen weet nog van het bestaan van zijn kleine pensioentjes. En dat moet veranderen, vindt Koolmees. Want daarmee loop je mogelijk straks pensioen mis. Voor pensioenfondsen en verzekeraars heeft de nieuwe wet ook voordelen. Zij hoeven geen kleine pensioenen meer aan te houden tegen hoge kosten en kunnen zich toeleggen op het creëren van meer waarde voor hun deelnemers. Ook hoeven ze geen mails of brieven meer te sturen voor die hele kleine pensioenen.

Ook interessant

Meer pensioen door samenvoegen kleine pensioentjes

 

 

meer regie Rijk bij aanjagen woningbouw

Rijk meer regie bij aanjagen woningbouw

Het Rijk gaat in stedelijke gebieden met de grootste vraag naar woningen een actievere en regisserende rol spelen. Op korte termijn starten met gemeenten, woningcorporaties, bouwers en investeerders gesprekken. Deze moeten leiden tot afspraken over het versnellen van de woningbouwpro-ductie.

Daarnaast komt er een permanent landelijk overleg met brancheorganisaties en belanghebbenden. Dat schrijft minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bij de Staat van de Woningmarkt 2017, die vandaag naar de Tweede en Eerste Kamer is gestuurd.

De nieuwste jaarrapportage laat zien dat de groeiende economie en de lage rente doorwerken op de woningmarkt. Het aantal verkopen blijft stijgen, met vooral in stedelijke gebieden sterke prijsstijgingen. Ook de aanhoudende groei van het aantal huishoudens zorgt voor een oplopende vraag naar woningen. De komende jaren zou de bouwproductie moeten groeien naar gemiddeld 75.000 woningen per jaar. De gerealiseerde en geraamde bouwproductie laat een stijgende trend zien, maar er is van de betrokken partijen extra inzet nodig om het verschil tussen vraag en aanbod niet te laten oplopen.

Minister Ollongren schrijft dat de mogelijkheden voor het aanjagen van de bouwproductie onder andere afhankelijk zijn van de beschikbare plancapaciteit, de beschikbaarheid van bouwmaterialen en het aanbod aan voldoende gekwalificeerd personeel. Zij wijst er verder op dat er vooral vraag is naar woningen in de binnensteden. Binnenstedelijk bouwen is echter complex en kent een relatief lange opleveringstijd. Een beter gebruik van de bestaande voorraad en flexibeler woonvormen kunnen de druk op de woningmarkt verminderen.

Het kabinet werkt verder aan de nieuwe Omgevingswet die moet zorgen voor snellere procedures. Woningcorporaties kunnen eenvoudiger toestemming krijgen om huurwoningen in het middensegment te bouwen. Dit segment is cruciaal voor huishoudens die flexibel willen zijn of voor wie koop of sociale huur geen optie is.

Op verzoek van het vorige kabinet is er onder voorzitterschap van Rob van Gijzel in diverse gemeenten een zogeheten Samenwerkingstafel Middenhuur gestart over een groter aanbod van deze woningen. Ook is er een landelijke tafel waarin brancheorganisaties en belanghebbenden knelpunten in kaart brengen.

Het eindverslag van de samenwerkingstafels wordt eind januari verwacht. De minister neemt de aanbevelingen mee bij het maken van regionale afspraken. Zij wil ook na januari doorgaan met de landelijke overlegtafel. De gehele woningmarkt zal dan onderwerp van permanent overleg zijn.

Aanbiedingbrief bij het rapport ‘Staat van de Woningmarkt 2017’: lees hier de brief.

Rapport van de woningmarkt, lees hier de rapportage.

Noord-Holland-Sint-Maartensvlotbrug

Provincie NH wil bruggen goedkoper, slimmer én duurzamer gaan bouwen

Flinke CO2-reductie, goedkoper, een kortere bouwtijd, minder verkeershinder én duurzamer. Het lijkt allemaal mogelijk als beweegbare bruggen in de toekomst worden gebouwd volgens het ‘IFD-principe’, een vorm van bouwen waarbij de delen van de brug gestandaardiseerd worden.

Dat is het resultaat van het onderzoek dat het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) in opdracht van de provincie Noord-Holland uitvoerde.

Industrieel, Flexibel, Demontabel

IFD staat voor Industrieel, Flexibel, Demontabel. Bij dit principe worden bruggen met gestandaardiseerde brugelementen gebouwd. Deze elementen zijn fabrieksmatig geproduceerd, passen precies in elkaar, kunnen snel aangebracht worden én zijn geschikt voor hergebruik. Een beetje zoals bouwen met Lego, waar alles mooi op en in elkaar past. Het betekent zeker niet dat alle bruggen er hetzelfde uit gaan zien; de vorm van de brug zal altijd ontworpen worden passend bij de locatie en functionaliteit van de brug.

Lees meer