Innovatie door stroomversnelling

Je hoeft dezer dagen de grootste krant van Nederland maar open te slaan om te beseffen dat de discussie over de fiscale bijtelling van leaseauto’s weer is opgelaaid. De geplaagde staatssecretaris Wiebes kwam met een plan, paste het na forse kritiek uit eigen gelederen aan en buigt zich thans over een voorstel gedaan door een bonte verzameling van belangenbehartigers, van autofabrikanten tot natuur- en milieuorganisaties. Bien étonnés de se trouver ensemble, oftewel in goed Nederlands, het betreft hier een redelijk unieke coalitie. Zo vaak komt het immers niet voor dat de groene lobby en de autobranche elkaar in de armen vallen. De verklaring voor deze opmerkelijke alliantie is eigenlijk vrij simpel: beide partijen hebben dezelfde belangen. De ene partij is voor duurzaam vervoer – de elektrische auto – en de andere verkoopt graag veel duurdere auto’s waar de consumenten vanwege de lage fiscale bijtelling warm voor lopen – de elektrische auto.

 

Kortom, als de belangen gelijk lopen, kunnen vijanden vrienden worden. Deze filosofie geldt ook voor de bouw.

 

Enkele jaren geleden hebben vier grote bouwbedrijven en zes woningcorporaties het initiatief genomen tot de Stroomversnelling Huur. Doel: 111.000 huurwoningen duurzaam renoveren tot nul-op-meter-woning d.w.z. woningen zonder energierekening. De kennis opgedaan bij de renovatie van de eerste woningen wordt gedeeld met andere bouwbedrijven, corporaties en derden, zodat een ieder daarvan kan profiteren. Het MKB-bouwbedrijf, dat de verrichtingen van het grootbedrijf met de nodige scepsis volgde, krijgt dus vrije beschikking over de ontwikkelde innovaties.

 

De natuur- en milieuorganisaties, van huis uit niet de beste vrienden van de bouw, zien de voordelen van de Stroomversnelling Huur en steunen dan ook dit initiatief.

 

Het eindresultaat is een duurzame elektrische woning, die voor een groot deel zelf energie opwekt door zonnepanelen en zo nodig stroom levert aan het net. Hoge ambities, die alleen waargemaakt kunnen worden dankzij innovatie. Het betekent dat industrialisatie op grote schaal wordt doorgevoerd, zodat een veertig jaar oude woning met geprefabriceerde onderdelen in een paar dagen tot een supermoderne duurzame woning wordt verbouwd. En dat terwijl de bewoners er tijdens de verbouwing in kunnen blijven wonen!

 

Nederland telt circa 2,5 miljoen potentiële nul-op-meter-woningen. Dat betekent een gigantische bouwopgave, die de hele bouwsector kansen biedt.

 

Zijn er dan geen kritische kanttekeningen te plaatsen? Natuurlijk, de kosten van zo’n ingrijpende renovatie zijn nog steeds te hoog. Elk opgeleverd huis kost de bouwer nu nog geld. Voor kostenbesparing is verdere technologische vernieuwing vereist. Maar voordat het zover is, is er nog veel werk aan de winkel. Terwijl de E-auto al een zekere sexy status geniet, weet de gemiddelde consument nauwelijks van het bestaan van het E-huis af. De autobranche is duidelijk koploper en voorbeeld. De bouwsector doet er goed aan zijn innovatieve imago beter voor het voetlicht te brengen. Slimme campagnes kunnen daarbij helpen. Dat de bewoners van de reeds gerenoveerde woningen trots zijn op hun huis, mag gezien worden als een veelbelovende start. Het betekent dat de E-woning begonnen is aan een weliswaar langzame, maar zekere opmars in ons land.

 

Jan Overtoom – Regiomanager Randstad Noord Bouwend Nederland