Berichten

Netbeheer zoekt samenwerking met bouw bij verduurzaming

Samenwerking tussen netbeheer en bouw

Het nieuwe kabinet wil dat gemeenten, provincies, netbeheerders en waterschappen plannen maken voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving. Henri Bontenbal, strateeg bij netbeheerder Stedin, zoekt daarvoor de samenwerking met de bouw- en installatiesector.

Lees meer

schiphol

Meer woningbouw rondom Schiphol

Demissionair staatssecretaris Dijksma heeft het Luchthavenindelingbesluit Schiphol (LIB) ter vaststelling aan de Koning aangeboden. Het besluit treedt per 1 januari 2018 in werking. Dat betekent dat er weer gebouwd kan worden in de nabijheid van Schiphol.

Lees meer

Meten is (z)weten

Meten is (z)weten – het belang van een goed meetrapport

Het belang van een goed meetrapport. In de wetenschap, marketing maar zeker ook in de techniek is het belangrijk om metingen te verrichten. In elke sector gaat dit op een andere manier en heeft het een ander doel.

In mijn vak, de bouw, is het van levensbelang om in alle stadia metingen te verrichten, te registreren en te evalueren. Hoe denk je dat anders de gebouwen kunnen worden gemaakt? Doe maar een beetje naar links en dan weer naar rechts, is natuurlijk niet echt duidelijk. Zowel de uitvoerder, tekenaar, architect maar ook de projectontwikkelaar hebben de juiste maatvoering nodig om het eindproduct te kunnen realiseren.

Lees meer

domotica senioren

‘Sneu’ wonen willen senioren niet

Ouderenhuisvesting draagt nog teveel het stempel van ‘bescheiden’. Bouwers en ontwikkelaars denken bij senioren ook nog teveel in termen van ‘oudjes’ en ‘sneu’. Maar babyboom-senioren verleid je niet met een simpele driekamerwoning. Die hoeven in vierkante meters niet zo nodig terug of kijken uit naar een woning met uitstraling in of nabij de stad met al zijn reuring.

Dit recept voor ouderenwoningen schetst Netty van Triest, senior projectleider bij Platform 31. Over ouderenhuisvesting in de wijk van de toekomst ging ook BNR Bouwmeesters van woensdag 10 mei.
Groei aantal ouderen vertalen in woonvraag is lastig.

Lees meer

Stad van de toekomst Bouw

Bouwsector moet zich meer richten op stadmaken met mengvormen

“Een bouwbedrijf dat toekomstgericht is, mikt niet meer op woningen bouwen maar op stadmaken. Met mengvormen van wonen, werken en voorzieningen. ” Die boodschap voor de bouwsector heeft ir Hans Leeflang, adviseur ruimtelijke activering van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. De vraag wat voor woningen Nederland nodig heeft voor de toekomst en welke lessen bestaande woningbouw biedt, kwam ook aan de orde in de uitzending van BNR Bouwmeesters van 21 december.

Leeflang, destijds bij het Ministerie van Vrom verantwoordelijk voor de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra (Vinex, 1991), zet grote vraagtekens bij de “paniek” die hij bespeurt op de woningmarkt nu die weer aantrekt. “Het lijkt wel weer of de Tweede Wereldoorlog net voorbij is. Woningnood hoor ik. Dan denk ik waar heb je het over. Vinex is ook gestart met een opgave van 1 miljoen woningen. Maar we zitten als samenleving nu echt in een hele andere fase. Een Deltaplan woningbouw uit de kast rukken voor de komende 25 jaar is niet de oplossing. Het is nu vooral een kwalitatief vraagstuk waar we voor staan.”

Deze tijd vraagt om maatwerk

Leeflang is als ‘de vader van de Vinex’ niet ontevreden over het resultaat van die nota: “De Vinex heeft zowel randstedelijk als binnenstedelijk mooie nieuwe woonmilieus toegevoegd, die ook lange tijd meekunnen.” Wat ook weer niet wil zeggen dat het tijd is voor een Vinex-ronde 2.0. “Je moet wel blijven nadenken over de woningvoorraad. Maar wat we van Vinex kunnen leren, is dat je niet in een beweging voor het hele land dezelfde oplossing moet willen, want dan maak je fouten. Zeker deze tijd vraagt veel meer om maatwerk en een stap voor stap-ontwikkeling.”

Maken van steden

In plaats van om het bouwen van woningen, draait het volgens Leeflang nu om het maken van steden. “De relatie tussen wonen, werken en vrijetijdsbesteding is nu anders. Bij wonen gaat het veel meer om het mengen van die functies. Waarbij je ook kijkt of vastgoed cyclisch is. De ene periode gebruik je een gebouw zo en later weer anders. Die flexibiliteit in de gebouwenvoorraad vormt denk ik een van de grootste uitdagingen.” Bouwbedrijven en ontwikkelaars doen er volgens Leeflang goed aan zich ook meer te richten op stadmaken: “Wil je toekomstgericht bezig zijn, dan moet je je als sector ook meer oriënteren op die mengvormen.”

Aardgasloze gebouwde omgeving

De woningmarkt vraagt volgens Leeflang nu veel meer om een regionale aanpak. “De grote druk op die markt zit vooral in de Noordvleugel van de Randstad, in Amsterdam en Utrecht. Het gesprek over het woningbouwvraagstuk moet je dus veel meer op het niveau van stadsregio’s voeren.” Een actueel voorbeeld van hoe het nu moet noemt Leeflang de rol die de provincie Noord-Holland speelt bij de ontwikkeling van een aardgasloze gebouwde omgeving in de Metropoolregio Amsterdam (MRA).

Meer zeggingskracht voor gebruikers

De rol van overheden is volgens Leeflang regie te voeren over de “grote verbouwingsoperatie van de komende 25 jaar”. “Niet zelf met een visie komen, maar zorgen dat er een gedeeld beeld op de stad of het land van de toekomst komt. En vervolgens heel veel aandacht hebben voor waar dat nieuwe Nederland en die nieuwe steden worden gebouwd en daar zo nodig een steuntje in de rug aan geven. En bovenal stimuleren dat er kwalitatief hoogwaardig wordt gebouwd met een hoge omgevingskwaliteit als resultaat. Want met alleen sober en doelmatig woningen bouwen en asfalt leggen komt het niet goed in 2040. Alles begint dus bij de gebruikers van de ruimte, die moeten veel meer zeggingskracht krijgen.”

Nationale Omgevingsvisie

Leeflang kijkt belangstellend uit naar de Nationale Omgevingsvisie, waarvan dit kabinet in januari met het eerste deel komt. “Het is na de verkiezingen aan het volgende kabinet om dit gedeelde beeld op onze toekomstige leefomgeving echt voor elkaar te krijgen. Dat wordt spannend, want ik denk dat daar nog wel wat voor moet gebeuren in het land.” Wat hem betreft moet die Omgevingsvisie zich ook uitspreken over de plek die we zelfsturende voertuigen straks in de gebouwde omgeving geven.

Welke plek verdienen zelfrijdende voertuigen?

“De auto van nu hebben we met elkaar heel erg over stad en land heen laten komen. De grote uitdaging is nu om niet weer alleen maar volgend en accomoderend te zijn op die nieuwe technologie, maar om ons vanuit publieke waarden af te vragen hoe we het willen hebben, dus welke plek die voertuigen verdienen. Benut de kans op meer ruimte voor fietsen, wandelen en groen in de stad door te anticiperen op deze zekere ontwikkeling. Dat is ook mijn boodschap aan alle betrokken partijen. Geef nu actief vorm aan de stad of regio van de toekomst, anders word je door de autonome ontwikkelingen ingehaald.”

 

Bouwend Nederland – BNR Bouwmeesters

Samenwerking UNETO-VNI en Vegro om ouderen langer zelfstandig te laten wonen

Installateurskoepel UNETO-VNI en zorgartikelen-leverancier Vegro gaan samenwerken om ouderen te helpen hun huis levensloopbestendig te maken. Hiervoor hebben beide organisaties op 7 december een convenant getekend. Klanten van Vegro die langer zelfstandig willen blijven wonen, ontvangen voortaan een vrijblijvend advies van een erkende ComfortInstallateur.

Ook schakelt Vegro een ComfortInstallateur in voor het uitvoeren van woningaanpassingen. Dankzij de samenwerking verwachten de organisaties de komende vijf jaar 5.000 woningen aan te pakken.

Het convenant van UNETO-VNI en Vegro brengt vraag en aanbod dichter bij elkaar. Vegro krijgt dagelijks vragen van klanten over de mogelijkheden om langer zelfstandig te blijven wonen. Het bedrijf brengt die klanten vanaf vandaag in contact met een ComfortInstallateur die advies verstrekt én de werkzaamheden vervolgens uitvoert en coördineert. Vicevoorzitter Claudia Reiner: ‘De vraag naar levensloopbestendige woningen zal de komende jaren fors toenemen. Met dit initiatief willen we het tekort aan aangepaste woningen verminderen en meer ouderen de kans geven om veilig en comfortabel in hun vertrouwde omgeving te blijven wonen.’

Lees meer

Vaart maken met bouw van woningen vrije huursector

Minister Blok (Wonen) werkt aan een wetswijziging die gemeenten in staat moet stellen meer vaart te maken met de bouw van woningen voor de vrije huursector. Bouwbedrijven kunnen er straks voor zorgen dat die woningen ook echt van de grond komen. Door er bij gemeenten op aan te sturen dat die direct werk maken van de nieuwe regeling. Dat zegt Joep Arts, adviseur woningmarkt bij Stec Groep die aan de wieg stond van de nieuwe regeling. BNR Bouwmeesters van 21 september ging over het duurste segment van de woningmarkt.

Arts is in zijn nopjes over de wetswijziging die Blok voor het eind van het jaar als voorstel naar de Tweede Kamer wil sturen. “Die is in lijn met de aanbevelingen die wij aan het ministerie deden op basis van ons onderzoek onder gemeenten. Van veel gemeenten hoorden we dat ze een instrument misten om beter te kunnen sturen op het vrijehuursegment. Dat komt er nu dus aan.”

Versnelling

In een brief aan de Kamer van 19 september legt Blok uit door aanpassing van de wet het voor gemeenten mogelijk te willen maken dat ze vrijesectorhuurwoningen als een aparte categorie kunnen opnemen in het bestemmingsplan, ook voor grond die ze niet zelf in bezit hebben. Zoals nu al mogelijk is voor sociale huurwoningen en particulier opdrachtgeverschap. De bewindsman hoopt zo bij te dragen aan een versnelling van de ontwikkeling van het vrijesectorhuurwoningen.
De aangekondigde wetswijziging is het resultaat van het overleg dat Blok de voorbije maanden met de Kamer voerde over de ontwikkeling van de vrijehuursectormarkt. Behalve op het rapport van Stec Groep reageert de bewindsman met zijn brief aan de Kamer op het onderzoek van woningbeleggingsadviseur Capital Value onder institutionele, particuliere en buitenlandse beleggers over ontwikkelingen op de Nederlandse woning(beleggings)markt.

Extra inspanning

Capital Value signaleerde dat de Nederlandse huurwoningmarkt sinds enkele jaren volop in de belangstelling staat van binnen- en buitenlandse beleggers maar waarschuwde dat er mogelijk onvoldoende investeringsprojecten tot stand komen om al het beschikbare kapitaal ook echt aan te kunnen wenden voor de Nederlandse woningmarkt. Stec Groep kwam op basis van het onderzoek onder gemeenten tot de conclusie dat er nog onvoldoende wordt gedaan om de ontwikkeling van het vrijehuursegment te versnellen. Beide partijen pleitten voor extra inspanningen voor het zorgen voor voldoende nieuwbouwaanbod: “Meer aandacht in de programmering voor de bouw van vrijesectorhuurwoningen, ook als dit ten koste gaat van de grondopbrengsten; meer samenwerking tussen gemeenten, corporaties en marktpartijen; en meer regionale samenwerking tussen gemeenten om kwalitatief en kwantitatief aanbod beter af te stemmen.”

Blok onderschrijft het belang van meer samenwerking tussen gemeenten en beleggers. Tegelijkertijd vermoedt de bewindsman dat met alleen nieuwbouw op korte termijn niet tegemoet kan worden gekomen aan de woningbehoefte. In de brief aan de Kamer stelt hij dat de oplossing deels moet worden gevonden in de bestaande vastgoedvoorraad. “Zo kan door transformatie van kantoorgebouwen het aanbod van woningen in het middensegment worden vergroot.” Als bovendien corporaties duurdere woningen aan beleggers verkopen kan, aldus Blok, het aanbod van huurwoningen voor inkomens net boven de toewijzingsgrens voor de sociale sector ook op korte termijn worden verruimd.

Niet in één klap

Arts van Stec Groep ziet in de nieuwe regeling een kans voor gemeenten. Tegelijkertijd denkt hij dat vooral kleinere gemeenten nog wel een duwtje in de rug kunnen gebruiken. “Grote gemeenten als de G4 kennen al een specifiek grondbeleid voor het vrijesectorhuursegment. Kleinere gemeenten lopen vaak achter met hun woonbeleid. Ze vinden vooral koopwoningen en sociale huur heel belangrijk. Door het verschil in grondwaarde wint in hun grondbeleid koop het ook vaak van vrijesectorhuur. Dat segment zit ook niet in hun dna. Veel van die gemeenten hebben ook weinig of geen contact met institutionele beleggers.” Arts denkt daarom dat het wel even zal duren voordat alle gemeenten Blok’s nieuwe regeling straks in al hun bestemmingsplannen zullen hebben overgenomen: “Dat gebeurt niet in één klap. Daar gaat wel een paar jaar overheen.”

Samenwerkingstafel

Blok kondigt in de brief aan een ‘samenwerkingstafel’ te zullen instellen om invoering van de nieuwe regeling te bespoedigen. “Aan deze tafel zullen Rijk, gemeenten corporaties en marktpartijen knelpunten inventariseren en oplossen.” Arts denkt dat bij dat bespoedigen ook bouwbedrijven een rol kunnen spelen: “Door er bij gemeenten op aan testuren dat die ermee aan de slag gaan en door er samen voor te zorgen dat bestemmingsplannen worden aangepast.”

Duurzaam wonen in een woning van hennep

Een duurzame en energiezuinige woning. Zo beschrijft Albert Dun, oprichter en directeur van Dun Agro, de hennepwoning die zijn bedrijf heeft ontwikkeld. Vezelhennep is een ongebruikelijk bouwmateriaal, maar Dun is hier lovend over. “De hennepwoningen hebben een hoge isolatiewaarde. Dat geldt voor zowel voor de temperatuur (warmte en koude) als voor het geluid. Bovendien zijn ze 100 procent natuurlijk en betaalbaar”, stelt Dun. Bio based woningen was woensdag 30 maart het onderwerp van BNR Bouwmeesters.

Lees meer